|
Erica:

|
|
|
|
|
|
|
Ontstaan:

|
|
|
De trekschuit met op de achtergrond rechts de in 1899 gebouwde Nederlands Hervormde kerk.
Links van de kerk zou later woningbouw (het Geitenveld) ontstaan. Tweede van rechts
op de foto is caféhouder J.Beuker. De foto is van net na 1900.
|
In 1813 vond de herindeling Drentse gemeenten plaats, welke tot gevolg had dat de marke van
Noord en Zuidbarge bij Emmen werd ingedeeld. Het grondgebied waarop later Erica zou ontstaan
viel hier ook onder.
Erica heeft haar ontstaan aan de verveningactiviteiten in zuidoost Drenthe te danken. In het
begin van de 19e eeuw werd er aan de randen van het veen wat boekweitteelt gepleegd en leek
niets erop dat er grote ontwikkelingen aan stonden te komen. Kort samengevat komt het erop neer
dat er brandstof tekorten waren waardoor het veen van zuidoost Drenthe in de belangstelling kwam
te staan. Om het veen te ontginnen waren kanalen nodig die het water van de veenmoerassen kon
afvoeren om ze droog te leggen en om de afgegraven turf te kunnen transporteren.
In 1850 werd door koning Willem III een concessie aan de regering verleend waarin
Erica, zonder dat de naam daadwerkelijk genoemd wordt, voorkwam. De regering vertaalde de
concessie in de vorm van een overeenkomst tussen de Staat der Nederlanden en de heren
Jhr.Mr.A.W.van Holthe tot Echten, Mr.J.Heemskerk en Jan Kalff en Comp. Deze heren wilden
als goed ondernemer eerst garantie van de markegenoten hebben dat er grote hoeveelheden turf
afgegraven mocht worden. Dit resulteerde in een overeenkomst die getekend werd in 1851.
Wat stond er in in die overeenkomst van 1850 met de regering?
MINISTERIE VAN BINNENLANDSCHE ZAKEN
No.9, 3e Afdeeling, Waterstaat
's-Gravenhage, den 27 November 1864
Aan heeren Gedeputeerde Staten van Drenthe
"Nadat door Uw Collegie van den
inhoud mijner missive van 22 September jl. no. 205 aan de Drentsche
Kanaalmaatschappij mededeeling was gedaan, heb ik van den Directeur dier
maatschappij het met de bijlagen hiernevens gaand adres ontvangen, waarbij een
plan tot verlenging der Hoogeveensche vaart in de veenen der gemeente Emmen, met
een zijtak naar het Amsterdamsche veld, aan mijne goedkeuring wordt onderworpen.
Na raadpleging met den betrokken
Inspecteur van den Waterstaat, heb ik geen bezwaar om vergunning te verleenen
tot verdere verveening der Barger-Marke ook in de zuidelijke rigting naar het
Amsterdamsche veld, indien, zooals op het ingezonden plan voorkomt, het
oostelijk deel der Barger-Marke (op de kaart met de naam van Streng- en
Beekveenen aangeduid) er buiten gelaten wordt, alsmede het gedeelte ten oosten
van den bestaanden weg van de Zuidbarger Nieuwe Kamp naar de Beekveenen."
De tekst "de veenen der gemeente Emmen" in dit document wordt algemeen beschouwd als
de eerste tekenen van het ontstaan van Erica.
|
|
|
De eerste bewoners:

|
|
|
|
In 1860 is er daadwerkelijk met graven van
de Hoogeveensche vaart begonnen waarna zo rond 1863 de eerste verveners ter plaatse van
Erica neerstreken.
Lange tijd werd er vanuit gegaan dat Henderikus Korterik uit Slagharen in 1863 de eerste
pionier was van het kleine gehucht dat later uitgroeide tot het dorp Erica. Uit nader
onderzoek bleek echter dat, toen hij zich in de zomer van 1863 op een zandhoogte aan de
weg tussen Zuidbarge en Schoonebeek vestigde, daar al een paar families bivakkeerden. Het
waren kanaalgravers die hadden geholpen bij het aanleggen van het Oranjekanaal en de
Bladderswijk.
De Drentse Veen- en Midden Kanaalmaatschappij uit Dordrecht was in 1853 begonnen met
het graven van dit kanaal vanuit Smilde dwars door Drenthe naar het Zuidoost Drentse
veengebied. Vijf jaar later was dit enorme karwei geklaard.
Toen de kanaalgravers in 1858 klaar waren met deze monsterklus gingen sommige terug naar
Slagharen waar veel kanaalgravers vandaan kwamen. Andere bleven in de gemeente Emmen en
verplaatsten hun hutten naar een gebied net ten zuiden van Zuidbarge, de Zuidbarger
Nieuwkamp genoemd.
Ze mochten daar van de Zuidbarger boeren echter niet blijven maar mochten zich wel
vestigen op de zandhoogte aan de weg tussen Zuidbarge en Schoonebeek. De eersten die
zich daar vestigden waren ondermeer de gezinnen van Geert Tien en Anton Upholt.
Waarschijnlijk waren zij de eerste bewoners van het gehucht dat later Erica ging
heten. Dit gehucht lag in de buurt, waar de huidige Herendijk de weg van Zuidbarge naar
Erica kruist, ongeveer ter hoogte van de rotonde naar Parc Sandur.
Enkele maanden later, in de zomer van 1863, kwamen er boekweitboeren uit Slagharen bij
waar onder: Geert Veltrop, Frans Farweg en Hendrikus Kotterik.
Het gezin Veltrop bouwde een echte Drentsche plaggenhut aan de weg van Emmen over
Zuidbarge naar Schoonebeek. Later woonde op dezelfde plek Rieks Berendsen en omstreeks
1963 ook nog de weduwe Mohlman.
Met het neerstrijken in 1863 van de eerste bewoners, "Bentheimers" genoemd
en het regeringsdocument uit 1864 ligt het ontstaan van Erica vast.
|
|
|
Herkomst naam:

|
|
|
|
Die eerste bewoners hadden de nieuwe nederzetting graag "Nieuw Slagharen" willen noemen.
Er was immers ook Nieuw Amsterdam, Nieuw Dordrecht en Nieuw Schoonebeek.
Over het ontstaan van de naam Erica bestaan meerdere versies:
- Er schijnt in die ontstaansjaren iemand opzij van zijn huis een paal met dwarsplank
geplaatst te hebben waarop de sierlijke letters "Erica" stonden, naar aanleiding van de
prachtige bloeiende dopheide.
- Burgemeester mr.Lucas Oldenhuis Tonckens (burgemeester van 1849 - 1869) plaatste
eigenhandig het bord met de naam Erica.
- Zijn opvolger Willem Tijmes (burgemeester van 1869 - 1902) plaatste aan de
toegangsweg tot het kleine gehucht op de hei, het bord met de naam Erica.
|
|
|
Kerkgeschiedenis:

|
|
|
De oude Rooms Katholieke kerk te Erica
De woning van Jonker aan de Kerkweg waarin de eerste kerkdiensten plaatsvonden.
Later woonde hier de familie Savenije.
In de muur rechts naast de deur staat het jaartal 1885.
Ook de familie G.H.J.Kolker, voorheen bakker te Erica, heeft hier ook enige tijd gewoond.
Zij gingen later tegenover het oude woonhuis wonen. Daar hebben ze tot in de jaren
zestig van de vorige eeuw, een bakkerij met winkel en cafetaria gehad.
|
Kerken, zeker in Erica, bepaalden voor een groot deel de verdere geschiedenis en
uitbouw van een dorp. De oorspronkelijke bewoners
waren voornamelijk katholiek omdat ze uit het katholieke Bentheim kwamen. Voor het jaar
1866 moest de Ericaan door weer en wind nog in Nieuw Schoonebeek, (opgericht in 1849), ter
kerke gaan. Op aandringen van pastoor Holtkamp van Nieuw Schoonebeek bij het bisdom kreeg
pastoor Boermans van Denekamp de opdracht een nieuwe parochie tot stand te brengen. Het
werd zelfs een zeer grote parochie. Emmen, Westenesch, Noord en Zuidbarge, Weerdinge,
Angelslo, Den Oever, Nieuw Amsterdam, Nieuw Dordrecht en Compas en zelfs de gemeenten
Sleen en Dalen vielen eronder. Door de grootte van het gebied was het voor pastoor
Boermans niet makkelijk alle soms zeer afgelegen parochianen te bezoeken. Het veen was
praktisch ontoegankelijk, wegen onbegaanbaar, en dat in pikkedonker, in weer en wind.
De eerste katholiek kerk werd in 1866 gebouwd op de plaats waar de
Pannenkoekendijk, Strengdijk en Beekdijk bij elkaar kwamen. Deze plaats is
feitelijk ook het deel van waaruit Erica zich verder zou ontwikkelen. Het eerste
blijvende kerkgebouw was ontworpen door architect Troester uit Zwolle en door
aannemer Weerman uit Coevorden gebouwd. Pas in 1870 kwamen de eerste banken,
zodat de parochianen, in het begin al 160 in getal, staande de mis moesten volgen.
De opvolger van Boermans was pastoor Vroom die heel veel goed werk heeft
verricht door de kerk, de parochie en de omgeving uit te bouwen. Beroemd waren
zijn bedeltochten, voornamelijk naar Friesland, die geld opleverden om zijn werk
te kunnen bekostigen. In 1869 kreeg Vroom de opdracht de parochie op te delen in
kleinere, hetgeen gezien de afstanden logisch was. Na vele problemen ontstond in
1873 de parochie van Barger Compascuum later gevolgd door Klazienaveen. Nog
later splitste Emmen, Zuidbarge en Barger Oosterveld zich af zodat de parochie
Erica rond 1918 een normale omvang had.
In 1933 werd op de plaats van de oude kerk een nieuwe gebouwd tezamen met een
nieuw parochiehuis.
Behalve een katholieke stroming was er ook al vroeg een hervormde gemeente.
In 1844 werd er van tijd tot tijd gepredikt door de arbeider (!) Bijlsma uit
Schoonoord in de schuur van Eise Westerhof. Later in dat jaar kwam de evangelist
Jonker nadat hij een aantal keren kennis had genomen van de ellende op de venen
en het alcoholprobleem. Deze hervormden kwamen voornamelijk uit Hoogeveen en
Smilde. Een oud deel van de woning van Jonker waarin een lemen vloer lag deed dienst
als kerk, zondagsschool, naaischool en gaf onderdak aan de zangvereniging. Later
is deze woning met kerk verbouwd tot een paar woningen omdat er in 1899 aan de
vaart een nieuw gebouw verrees. Evangelist Jonker bleef 6 jaar in Erica, en
heeft daar een enorme staat van dienst opgebouwd. Hij stierf in 1932 te Den Haag.
|
|
|
Een houten schooltje:

|
|
|
|
Aanvankelijk moesten de kinderen uit Erica naar school in Nieuw Amsterdam, maar daar
kwam in de praktijk weinig van terecht. De afstand was te groot en bovendien moesten kinderen
vroeger op zeer jeugdige leeftijd meewerken met de ouders zodat er meer geld binnen kwam.
Daarom kwam er op 11 maart 1880 een houten schooltje met twee lokalen waar alle kinderen
in werden ondergebracht. Dit schooltje stond daar waar nu het kerkhof ligt aan de Havenstraat.
|
|
Boekweit:

|
|
|
|
Nu het hoogveen bijna geheel is verdwenen, en plaats heeft gemaakt voor land
en tuin (kassen) bouw kan men de vraag stellen of er voorheen ook landbouw was
geweest. Men moest zich toch onderhouden? Net als in de andere veengebieden is
ook hier het antwoord: boekweit. Boekweit was voor een ieder zonder kapitaal te
verbouwen doch het was wel zeer weersgevoelig waardoor vele oogsten mislukten en
de armoede bleef aanhouden. Voordat er op het hoogveen iets kon groeien moest
het hoogveen eerst bewerkt worden. Dit deed men (op kleine schaal) door eerst
een stuk af te wateren, daarna met een veenhouw de ondergrond losmaken, waarna
de brand erin ging. Na het doven van het vuur werd de grond met een krabber nog
eens losgemaakt waarna de grond bouwrijp was.
De eerste boerderij op het afgegraven hoogveen werd gebouwd langs de
Verlengde Vaart door een zekere Kampinga. Later werd deze boerderij nog bewoond
door Van der Scheer en laatst door Karsijns.
|
|
|
De Bergerschans:

|
|
|
|
Op een oude kaart van 1860 staat de "Vervallen Bergerschans" getekend. Deze lag echter
niet in Noord of Zuidbarge, maar daar waar tegenwoordig Erica ligt. Vlak bij de weg
die van Emmen over Zuidbarge naar Schoonebeek voerde, lag op de meest zuidelijke
uitloper van de Hondsrug een schans, de Bergerschans. Een paar honderd meter ten
zuiden van deze schans begon het onbegaanbare veen. Door deze strategische ligging
was de verdediging van de weg Emmen Schoonebeek optimaal.
De schans werd aangelegd op bevel van Baron Menno van Coehoorn in de achttiende eeuw.
Of de Bergerschans wel ooit echt gebouwd
werd is lang een twistpunt geweest. Het bevel tot het bouwen heeft men wel teruggevonden,
maar over de schans is verder weinig of niets bekend. Archeoloog J.R.Beuker, werkzaam
aan het Drents Museum te Assen en afkomstig uit Erica, heeft in
1982 dan ook een onderzoek ingesteld om te kijken of de schans werkelijk bestaan
heeft. Op luchtfoto's werd bekeken of er grondsporen te zien waren op de plaats
waar de schans gelegen zou hebben. De foto's lieten wel vage sporen zien, maar
bij grondboringen werden er geen aanwijzingen gevonden die bewezen dat de schans
daar werkelijk gelegen heeft. Omdat de schans toch op twee zeer belangrijke en
vooral betrouwbare kaarten voorkomt gaat men er vanuit dat de Bergerschans wel
degelijk bestaan heeft. Er zijn bovendien enkele verhalen bekend van vroeger die
vertellen over dit oude verdedigingswerk. De schapen van de Barger boeren zouden
hier vaak gegraasd hebben.
Publicaties gaan ervan uit dat de schans ongeveer twee á driehonderd meter ten
noorden van het huidige sportpark van Erica lag. Tegenwoordig ligt hier een nieuwbouwwijk.
Eén van de straten heet "De Korrel". Ongeveer daar zou de schans hebben gelegen.
De Grote Historische Atlas van Nederland 1851-1855 (p.97) geeft echter
aan dat de bergerschans op het punt lag waar de Havenstraat en Kerkweg samenkomen.
|
|
|
Foto's:

|
|
|

|
Café R.Heise, foto van voor 1920. Het café werd later overgenomen door Bernard Lohues.
Het stond in de binnenbocht in het kanaal waar de Ensingwijk begint.
Wie weet meer?
|
|
|
Boeken:

|
|
De volgende boeken zijn bij Historisch Emmen bekend:
- "Erica honderd jaar 1863-1963" door A.C.van Heesewijk. Uitgave Stichting eeuwfeest Erica 1963.
- "Erica, zoals het was, zoals het is", Rabobank Erica
t.g.v. 75 jarig bestaan, uitgave 1986.
- "Erica, 1940-1945, belevenissen van dorpsgenoten", door Jan Hendriks, Luuk Stoffers en Gerhard Vedder.
Uitgeverij Drenthe te Beilen, 2010.
ISBN: 90-75115-59-8.
- "De Peelsen van Amsterdamscheveld", door Marscha van Noesel.
Uitgeverij Drenthe te Beilen, 2010. ISBN: 978-90-75115-60-4.
Aanvullingen?
Geef ze door:

|
|
|
Bronvermelding:

|
|
- "Erica honderd jaar 1863-1963" door A.C.van Heesewijk.
- Gerrie van der Veen, gepubliceerd als Vrogger 98 in de Zuidoosthoeker.
- Aanvulling - correctie A.Oost oktober 2011.
- Foto's
|
|
|