|



Provinciale Drentse en Asser Courant
van 24 september 1870.
Naar aanleiding van deze advertentie uit 1890
werd het echtpaar Beukinga aangesteld.
|
Voor 1911 was er feitelijk geen regeling voor de zorg der ouderen. De buren in een gemeenschap en families
hielpen elkaar waar nodig. Het viel als vanzelfsprekend onder de bekende Drentse naoberplicht.
Toch was deze naoberplicht niet altijd vanzelfsprekend, er waren immer behoeftigen die hulp
ontbeerden. Te
denken valt aan wezen en familielozen. Voor hen zorgde de kerk maar ook dat was lang niet altijd
vanzelfsprekend. Daarom werden eind jaren dertig van de negentiende eeuw de eerste armwerkhuizen gesticht.
In Emmen gebeurde dat in 1851 door de diaconie van de Hervormde kerk.
Het boerderijachtige gebouw stond aan de zuidelijke kant van de latere Kapelstraat in de marke van
Noord- en Zuidbarge. Het was een vrij lang gebouw met vele ramen. Aan de achterzijde bevonden zich drie
staldeuren waarachter het vee was ondergebracht. In 1852 werd er een afzonderlijk schaaphok bijgebouwd.
Het is (nog) niet duidelijk of dit armwerkhuis speciaal voor deze functie is
gebouwd of dat het voordien dienst heeft gedaan als boerderij.
Het armwerkhuis werd bestuurd door de dominee, de diakenen en door de kerkenraad benoemde leden van de
kerk. De eerste bijeenkomst van het bestuur was op 12 februari 1851. Aanwezig waren:
- Dominee T.A.Hoen.
- Diakeen A.Huizing.
- Diakeen L.Strating.
- Diakeen W.Dijks.
- Diakeen R.Joling.
- Lidmaat Mr.A.L.Kniphorst.
- Lidmaat P.J.van den Blom.
- Lidmaat Mr.l.Oldenhuis Tonckens.
De dagelijkse leiding was in handen van een "armvader en armmoeder", die hiervoor een kleine
vergoeding ontvingen. Als armvader en armmoeder kwam bij voorkeur een kinderloos echtpaar in aanmerking.
Enige namen van echtparen die deze taak hebben uitgevoerd:
- 1851-1890 het echtpaar W.Boer.
- 1891-1902 het echtpaar Beukinga (bezoldiging f 125,- per jaar).
- 1902-1916 het echtpaar A. of R.Barelds.
- 1916-1931 het echtpaar Hendrik Boxma en Grietje Popken (bezoldiging f 250,- per jaar).
Bij de aanstelling van het echtpaar Boxma Popken in 1916 werd een contract opgesteld waaruit blijkt dat de
naam armwerkhuis was vervangen door diaconiewerkhuis. Grietje Popken [voor familie: Geertje Oosting] was weduwe
van Lucas Oosting en trad in 1902 opnieuw in het huwelijk met de weduwnaar Hendrik Boxma. Zij waren tot 1916
"vader en moeder" van het armhoes te Odoorn, waarna zij werden aangesteld als beheerder van het armhoes
te Emmen.
Het contract van het echtpaar Boxma vermeldt onder andere dat zij: "zoveel in hun vermogen is alle
huiselijke en uit de boerderij voortkomende werkzaamheden te verrichten, de oude en de volwassen verpleegden
welke in het huis zijn of nog zullen worden opgenomen al die zorg te geven, welke hun toekomst en de aanwezige
of nog op te nemen kinderen gelijk een ware vader en moeder te zijn." Zij mochten slechts vier maal
per jaar familieleden voor hoogstens één week in het huis laten logeren en zelf "nimmer zonder toestemming
van de kerkenraad het huis verlaten, hetzij alleen hetzij gezamenlijk". Het echtpaar Boxma woonde in de
noordelijke kamers van het huis.
H.D.Minderhoud beschrijft in "Holdert 1851-2009" uitgebreid over de dagelijkse gang van zaken,
het reglement, de reden van opnames. De naam armwerkhuis is misschien niet helemaal de juiste naam. Ook zij
die nog bezittingen hadden, waaronder een stukje grond, werden er soms ondergebracht. Bij opname
waren zij wel verplicht om hun bezittingen af te staan.
Enkele namen van bewoners:
- 1851 De weduwe Egbert Derks-Brinks met twee kinderen.
- 1851 Gerrit Hilgers uit Sleen.
- 1852 Geertruid.
- 1857 Hillegien Klasens.
- 18xx Jan Tienkamp.
- voor 18xx de kinderen van het overleden echtpaar Engberts.
- voor 1895 het kind van H.de Jong.
- voor 1897 R.de Jong.
- voor 1897 A.Kuipers.
- voor 1897 H.Hendriks.
- voor 1897 H.Drenthen.
- ???? Abel Heerema.
- ???? H.Hofman.
- ???? G.Bennemans.
- ???? Evert Hemmes.
- voor 1913 Middeljans.
- ???? Pier, Gerard en Pieter Kreeft.
- ???? Egbertje (Eppie), Kee en Dina van Klinken.
|
|








Foto vanaf de Kerkhoflaan zijde van het gebouw.
Aan deze kant werd in 1934 de oostelijke vleugel
gebouwd, rechts op de foto, in 1936 gevolgd door
de westelijke vleugel, links op de foto.
|
In 1910 werd dominee H.de Groot voorzitter van het bestuur. Hij was degene die het amateuristische beheer
aan de kaart stelde en verbeterde. Hij had de tijd mee maar maakte zich ook zorgen. In 1911 werd
namelijk het burgerlijk armbestuur ingesteld waardoor de gemeente verplicht werd armlastigen financieel te ondersteunen.
Hierdoor kreeg het diaconiewerkhuis te maken met een terugval in bewoners. In 1924 waren er nog elf bewoners, waarvan zes
kinderen, maar dat was in 1927 al terug gelopen naar zeven.
Ook de opvolger van dominee De Groot, ds.A.de Kat Angelino, maakte zich hierover grote zorgen. Met name hij
maakte zich sterk voor de bouw van een nieuw en vooral gerieflijk onderkomen, waar de ouderen der Emmer
samenleving konden wonen na een leven van hard werken. Een nieuwe manier van wonen diende zich aan. Er was
geen plaats meer voor een "vader en moeder". Het laatste beheerderechtpaar dat nog als armvader en
armmoeder had gefunctioneerd, het echtpaar Boxma Popken, vroeg per 1 mei 1931 hun ontslag aan. Of dit een
vrijwillige keuze was of ingegeven door de op handen zijnde veranderingen is niet duidelijk.
In 1930 werd door de kerkenraad van de Nederlandse Hervormde Kerk in Emmen
het besluit genomen om het inmiddels sterk verouderde armenhuis te vervangen
door een moderner bejaardenhuis. De Emmer architecten R.Kliphuis en G.Lamberts kregen
opdracht het nieuwe gebouw te ontwerpen.
Bij de bouw waren de volgende bedrijven betrokken:
- aannemer: J.Kuper, aanneemsom: f 40.000,-.
- loodgieter: P.Wessemius.
- elektra: H.de Jonge uit Noordbarge.
- stukadoor: J.Ronda.
- centrale verwarming en water: Runau en Knoppers uit Groningen.
- schilderwerk: J.Schuur.
Het gebouw kwam op dezelfde plaats te staan als waar het armwerkhuis uit
1861 had gestaan. Het oorspronkelijke gebouw bestond alleen uit het centrale
bouwdeel. Beide vleugels werden pas later aangebouwd. In 1934 de oostelijke
vleugel, in 1936 gevolgd door de westelijke vleugel. Voor beide vleugels
tekende Kliphuis weer het ontwerp. Per vleugel bedroegen de kosten f
10.000,-.
Op 4 december 1931, tijdens een kerkdienst in de Nederlands
Hervormde Kerk, werd het nieuwe onderkomen voor bejaarden door dominee De Kat
Angelino geopend. Het kreeg de naam Angelinostichting, als eerbetoon aan de
man die zich zo had ingezet voor de realisering ervan.
Het bestuur van de Angelinostichting stelde het echtpaar Eding Askes aan
als dagelijkse leiding.
Het Angelino bestuur bestond uit:
- Dominee De Kat Angelino (voorzitter).
- H.Wielens (secretaris penningmeester).
- H.Houwing, Westenesch (lid).
- G.Bos, Noordbarge (lid).
- J.Lubbers, Emmen (lid).
- H.Jalving, Angelslo (lid).
- G.Nijhof, Zuidbarge (lid).
- R.Vos, Weerdinge (lid).
- W.Frieling, Emmen (lid).
Foto omstreeks 1933, waarschijnlijk gemaakt bij de opening van de Angelinostichting.
In november 1931 maakte een journalist van de Emmer Courant een ronde
door het nieuwe gebouw en beschreef daarbij de indeling: "dat
gelijkvloers liggen entree, hal, trappenhuis, closets, huis en slaapkamer
voor de huisouders, keuken, eetkamer, 2 woon en 3 slaapkamers voor
betalenden. 2 ziekenkamers, eet- en conversatiezaal, 3 slaapkamers voor niet
betalenden en tenslotte een badkamer. Op de verdieping zijn 4 woon- en 4
slaapkamers voor betalenden, 4 slaapkamers voor niet betalenden,
bestuurskamer, zolderruimten, en w.c. Tenslotte is er de zolder met de
waterreservoirs."
"Het grote keukenfornuis, onder Drentschen schoorsteen geplaatst,
zorgt voor de waterverwarming, terwijl daarop tevens gekookt kan worden. In
de kelder is nog een reserve stookgelegenheid aangebracht. In dezen kelder
is tevens bergruimte voor 8 ton brandstof."
Minderhoud beschrijft in "Holdert 1851-2009" een reglement dat
de eerste jaren in de Angelinostichting van toepassing was. Aan dat
reglement moesten de 34, bijna allemaal nieuwe, bewoners die de
Angelinostichting in 1935 telde, zich houden. Het waren zonder uitzondering
alleenstaanden. Opmerkelijk was dat een aantal bewoners soms van ver buiten
de Drentse grens kwamen, hoewel ze in Drenthe waren geboren. Uit Emmen
kwamen maar drie bewoners:
- Berend Bouhelt.
- Renso Brongers.
- Hendrik van der Veen.
Na de familie Eding Askes, die nog al eens problemen had met De Kat
Angelino, het personeel en bewoners, werd omstreeks 1944-1945 het echtpaar
Van Eenennaam aangesteld. Onder hen directievoering verbeterde er veel. Zij
werden in 1960 opgevolgd door het echtpaar Hendriksen en M.Tj.H.Kasemier uit
Groningen. Die konden hun draai maar moeilijk vinden. Het huis was inmiddels
ook te klein geworden terwijl er dagelijks aanmeldingen kwamen voor nieuwe
opnames. Velen moesten teleurgesteld worden, de wachtlijst groeide van 25
wachtenden in 1962 tot meer dan 60 in 1964. Hendriksen stond daarom ook het
liefst nieuwbouw voor. Het zou er niet van komen en het echtpaar diende in
1963 hun ontslag in. In juli 1964 werd het echtpaar Stuve Olthof de nieuwe
directievoerder.
De roep om nieuwbouw werd steeds luider. Een noodaankoop van het
naastgelegen pension met veertien kamers, dat eigendom was van mevrouw Slim
Eising, was slechts een druppel op de gloeiende plaat. Voor verdere
uitbreiding van de Angelinostichting met een noodaanbouw voelde het bestuur,
bestaande uit vele diakenen niets.
In maart 1965 werd een vergadering belegd door een sterk verkleinde
beheerscommissie om de problemen uit de weg te ruimen. Deze commissie
bestond uit: dominee A.Faber, directeur H.Stuve en de heren H.Homan en J.Wielens.
Het doel was plannen te ontwikkelen ter verwezenlijking van een geheel nieuw
bejaardenhuis op de Emmer Es, waarbij de Angelinostichting zou blijven
bestaan. Provinciale Staten liet echt weten dat dit niet mogelijk was,
ingegeven door de strengere moderne eisen en de brandonveiligheid.
Hiervoor werden diverse commissies opgericht die echter op 10 januari
1967 werden samengevoegd tot één nieuwe bouwcommissie, bestaande uit negen
leden, die onder leiding stond van accountant en gemeenteraadslid
B.Bouwland. Het nieuwe bejaardenhuis zou Holdert gaan heten. Het gebouw werd
op 2 mei 1968 officieel geopend door de Commissaris der Koningin en ex
burgemeester van Emmen mr.K.H.Gaarlandt.
De Angelinostichting had na 36 jaar afgedaan als bejaardenhuis. Op
donderdag 29 juni 1967 sloot de oudste bewoner van de Angelinostichting, de
vijfennegentig jaar oude G.Gravers, in het bijzijn van directeur H.Stuve de
deuren.
De Angelinostichting werd "Holdert". Volgens het Drents woordenboek van G.H.Kocks
betekent dit "het beëindigen van het dagelijks werk" en "wat haarder aarbeiden
um vroo hollert te kriegen".
Tot de verbouw van Holdert in 2008 hingen in de hal van Holdert foto's van
de "Angelinostichting" en een schilderij van het in 1851 geopende
armwerkhuis. Wat zouden de bewoners van dit armwerkhuis opkijken als ze eens een kijkje konden
nemen in het huidige woon- en zorgcentrum.
|
|

|
Dominee A.de Kat Angelino van de Nederlandse Hervormde Kerk was de
initiatiefnemer voor de bouw van de "Angelino-stichting".
De oorsprong van de Angelino's lag in Italië alwaar ene Octavio Angelino
woonde, geboren omstreeks 1700 te Milaan, van beroep glazenmaker, en
overleden na oktober 1787 waarschijnlijk te Puijflijck. Hij kwam
waarschijnlijk rond 1738 naar Nederland om hier te trouwen. Waarschijnlijk
te Ochten.
De ietwat ongewone samengestelde familienaam de Kat Angelino werd
verkregen door de grootvader van "onze" dominee A.de Kat Angelino.
Deze grootvader was Albartus de Kat Angelino, geboren 5 januari 1826 te
Ochten, landbouwer en landeigenaar, overleden op 12 november 1903 te Ochten.
Deze Albartus de Kat Angelino verkreeg bij Koninklijk Besluit van 2
september 1873 toestemming de in zijn geboorteakte als voornaam vermelde
naam de Kat als geslachtsnaam aan te nemen met dien gevolge dat hij zich met
zijne nakomelingen zou kunnen en mogen noemen en tekenen "de Kat Angelino".
Dominee Albertus de Kat Angelino (roepnaam Bert) werd op 11 juni 1885 te
Varik (Gld.) geboren als het derde kind van negen kinderen. Hij was een zoon
van Jacob Johannes de Kat Angelino (1855-1935) en Sara Jacoba Veen
(1856-1943). Jacob Johannes de Kat Angelino was eveneens N.H. predikant en
beroepen te Overlangbroek in 1880, Varik 1882, Deil 1887 en ging in 1928 in emeritaat.
Albertus bezocht na de lagere school het gymnasium te Tiel waar hij in juni 1903 zijn
diploma behaalde. De Geldermalser van 1 juli 1903: "Deil. Het was jl.
woensdag een dubbele feestdag op de pastorie. In de voormiddag bracht de telegraaf het
blijde bericht dat mej.I.E.de Kat Angelino geslaagd was voor het tweede natuurkundig
examen in de geneeskunde, terwijl ’s middags een tweede telegram meldde, dat de heer
A.de Kat Angelino het eind diploma gymnasium had behaald, zoodat hij zich weldra zal
laten inschrijven als student in de theologie." Daarna studeerde hij theologie
aan de Rijksuniversiteit te Utrecht.
Levensloop:
- 13 september 1909 bevestiging door zijn vader als vrijzinnig predikant te Rhenoy (Gld.).
Kort voor zijn bevestiging te Rhenoy trad hij, op 26 augustus 1909 te Zeist, in het huwelijk met
de Duits gereformeerde Wobbina Catharina Wouters, (roepnaam Bine) geboren te Arnhem op 29 augustus 1886
als dochter van advocaat Mr.Dirk Wouters en Anna Barbara Jacoba Bertling. Het huwelijk bleef kinderloos
maar hadden wel een pleegzoon: Hendrik Herman Badings (*17-01-1907) geboren te Bandoeng (N.O.I.). Hij
vertrok op 22 juni 1932 naar Delft.
- van 1914-1917 te Nieuw Helvoet.
- van 1917-1929 te Gorinchem.
- van 1929-1949 te Emmen.
De familie de Kat Angelino kwam op 8 oktober 1928 vanuit Gorinchem naar Emmen, waar hij
de langste tijd van zijn leven zal doorbrengen. De Kat Angelino volgde dominee de Groot op
die naar Uskwerd was vertrokken. De familie ging in de Weeme (de naam van de pastorie van
de N.H. kerk) aan het Marktplein wonen.
In Emmen vierde de Kat Angelino zijn 25 jarig ambtsjubileum. Het blad Onbekend
van 13 september 1934: "Gistermiddag heeft de in vrijz.herv.kring bekende
predikant, ds.A.de Kat Angelino te Emmen zijn 25 jarig ambtsjubileum
gevierd. Hij deed 12 september 1909 zijn intrede te Rhenoy. Vandaar ging hij
in 1914 naar Nieuw Helvoet, terwijl hij in 1917 een beroep naar Gorinchem
aannam waar hij als eerste vrijz.predikant het ambt elf jaren vervulde. Hij
werd 14 october 1928 te Emmen bevestigd waar hij tot dusver bleef. Hij
treedt in het organisatieleven weinig op de voorgrond maar verwierf zich als
kanselredenaar maar vooral door zijn vele lezingen en bijeenkomsten en voor
de vrijz.Prot.Radio omroep algemene bekendheid in den lande en vele
vrienden. Te Emmen is het jubileum gisteren gevierd met een samenkomst der
gemeente in het versierde kerkgebouw. Namens de gemeente en kerkelijke
organisaties werd de predikant toegesproken door den heer H.Wielens die hem
als geschenk der gemeente een zilveren theeservies aanbood. Voorts werd in
deze bijeenkomst het woord gevoerd door ds.F.C.Gerritzen van Oosterhesselen
namens het provinciaal kerkelijk bestuur van Drenthe, ds.J.F.Bakker te Dalen
namens de classis Emmen, ring Coevorden. Ds.de Kat Angelino hield tenslotte
een korte herdenkingsrede; op zijn verzoek was de jubileumviering zoo sober
mogelijk gehouden. In het volle kerkgebouw waren afgevaardigden van zijn
vorige gemeente en tal van predikanten uit de omgeving aanwezig. De
eigenlijke herdenkingsrede hoop de jubilaris a.s. zondagmorgen in den
gewonen kerkdienst uit te spreken."
- van 1949-1951 te Budel, alwaar hij in emiraat ging.
- in 1952 vestigde hij zich te Zandvoort.
In Zandvoort vierde hij zijn 50 jarig jubileum. "De Gecombineerde"
van 12 september 1959: "Vandaag zal het 50 jaar geleden zijn, dat
ds.A.de Kat Angelino uit Zandvoort werd bevestigd als predikant in de Nederlands
Hervormde Kerk."
"Ds.de Kat Angelino werd op 11 juni 1885 in
Varik bij Tiel geboren. Hij bezocht eerst het gemeentelijk gymnasium te Tiel
en studeerde daarna verder nog aan de rijksuniversiteit te Utrecht, waar hij
op 12 mei 1909 zijn doctoraal examen theologie deed. Tijdens zijn studie
voor het doctoraal examen heeft de heer de Kat Angelino enige tijd Hebreeuws
gedoceerd aan de Utrechtse gymnasia. Nadat ds.de Kat Angelino in mei 1908
door het provinciaal kerkbestuur van Zeeland was toegelaten tot de evangelie
bediening in de Ned.Herv.Kerk werd hij op 12 september 1909 door zijn vader
te Rhenoy in de classis Bommel in het ambt bevestigd. Daarna stond de
jubilaris verder nog te Nieuw Helvoet 1914-1917, Gorinchem 1917-1928; Emmen
1928-1949 en tenslotte nog bijna twee jaar te Budel in Noord-Brabant, waar
hem met ingang van 1 april 1951 na ruim 41 dienstjaren op bijna 66-jarige
leeftijd emeritaat werd verleend. Na zijn emeritaat heeft ds.de Kat Angelino
tot 1 mei 1952 te Budel nog ruim een jaar bijstand in het pastoraat
verleend. Naderhand vestigde hij zich te Zandvoort."
"Ds.de Kat Angelino heeft in de loop der jaren
vele bestuursfuncties vervuld en zitting gehad in tal van colleges en
commissies. Van zijn hand verschenen enige stichtelijke geschriften en
verder publiceerde hij enige artikelen in kerkbladen en in periodieken. Naar
wij tenslotte vernemen ligt het niet in de bedoeling van Ds.de Kat Angelino
om een herdenkingsrede uit te spreken en ook niet om te recipiëren."
De Gecombineerde van 11 juni 1960 schreef over het 75 jaar worden van De
Kat Angelino: "Ds.A.de Kat Angelino uit Zandvoort, emeritus
predikant van de Ned.Herv.Kerk, wordt zaterdag 11 juni a.s. 75 jaar."
"Ds.de Kat Angelino werd op 11 juni 1885 in de
hervormde pastorie van Varik bij Tiel geboren. Hij bezocht eerst het
gemeentelijk gymnasium te Tiel en studeerde daarna verder nog aan de
rijksuniversiteit te Utrecht, waar hij op 12 mei 1909 zijn doctoraal examen
theologie deed. Tijdens zijn studie voor het doctoraal examen heeft de heer
de Kat Angelino enkele jaren tijdelijk Hebreeuws gedoceerd aan de Utrechtse
gymnasia. Nadat dhr de Kat Angelino in mei 1908 door het provinciaal
kerkbestuur van Zeeland was toegelaten tot de evangelie bediening in de Ned.Herv.Kerk
werd hij op 12 september 1909 door zijn vader, wijlen ds.J.J.de Kat Angelino
uit Dubbeldam, toen nog predikant te Deil bevestigd als predikant van de
hervormde gemeente van Rhenoy in de classis Bommel. Daarna stond de
jubilaris verder nog te Nieuw Helvoet 1914 tot 1917; Gorinchem 1917 tot
1928; Emmen 1928 tot 1949 en tenslotte nog bijna twee jaar te Budel in
Noord-Brabant, waar hem met ingang van 1 april 1951 na ruim 41 volbrachte
dienstjaren op bijna 66-jarige leeftijd emeritaat werd verleend. Na zijn
emeritaat bleef ds.de Kat Angelino tot 1 mei 1952 nog ruim een jaar te Budel
werkzaam als bijstand in het pastoraat. Daarna vestigde hij zich metterwoon
te Zandvoort."
"Tijdens zijn ambtsbediening te Gorinchem was ds.de Kat Angelino
daar mede een van de oprichters van de openbare leeszaal
en te Emmen gaf hij mede de stoot tot de oprichting van een
vrouwenvereniging en van een zangkoor voor oudere gemeenteleden. Ds.de Kat
Angelino was medewerker aan de bundel "De zeven kruiswoorden" en
aan het dagboek "Morgenwijding". Verder publiceerde hij nog
artikelen in diverse periodieken o.a. in "Noorderlicht".
|
|
Kennisgeving uit "Onbekend" 12 juni 1961.
|
Albertus de Kat Angelino overleed op 8 juni 1961 te Haarlem. Zijn crematie vond in
stilte plaats in het crematorium te Velsen. Zijn urn stond kwam in de
algemene nis aldaar te staan en vervolgens in Columbarium 5. De verstrooiing
van zijn as vond pas 18 jaar later plaats, op 11 juli 1979, en wel op het
vijverpark van het crematorium. Een half jaar voor de verstrooiing, op 27
december 1978, overleed zijn vrouw te Haarlem.
De Nieuwe Rotterdamse Courant van 13 juni 1961 vermeldde het overlijden:
"Ds.A.de Kat Angelino overleden".
"Gisteren is in alle stilte het stoffelijk
overschot van ds.A.de Kat Angelino, emeritus predikant van de Ned.Herv.Kerk,
die donderdag jl. op bijna zesenzeventig jarige leeftijd te Zandvoort is
overleden, gecremeerd."
"Albertus de Kat Angelino werd op 11 juni 1885
in de hervormde pastorie van Varik bij Tiel geboren. Hij studeerde aan de
rijksuniversiteit te Utrecht. Op 13 september 1909 werd hij door zijn vader
bevestigd als predikant van de hervormde gemeente van Rhenoy. In 1914
verwisselde hij deze gemeente met Nieuw Helvoet, vanwaar hij in 1917 naar
Gorinchem vertrok. Daarna stond ds.de Kat Angelino nog ruim 20 jaar te Emmen
en bijna twee jaar te Budel in Noord Brabant, waar hem met ingang van 11
april 1951 emeritaat werd verleend. Na zijn emeritaat heeft ds.de Kat
Angelino nog een jaar te Budel bijstand in het pastoraat verleend. Daarna
vestigde hij zich te Zandvoort."
"Ds.de Kat Angelino nam tijdens zijn ruim
twintigjarige ambtsbediening te Emmen een vooraanstaande plaats in in het
kerkelijk leven in Drenthe. Veder heeft hij in de loop der jaren vele
bestuursfuncties vervuld."
|