|
Marktplein en omgeving: Haasken - Hadders - Oudheidkamer - VVV kantoor

|
|
|
|
|
|
Kadastraal:

|
|
|
Kadastrale kaart 1832.
Gebruik uw muis en ontdek....
|
|
|
Kadastrale kaart 1880.
Gebruik uw muis en ontdek....
|
- 1880: sectie C3983, eigenaar: Jan Iken Haasken.
|
|
Kadastrale kaart 1916.
Gebruik uw muis en ontdek....
|
- 1916: sectie C4421, eigenaar: Hinderikus (Haasken) Hadders.
|
|
|
Christoffers:

|
|
|
|
- 1807: eigenaar: koopman en tapper Harm Christoffers.
Harm Christoffers (1755-1828) was een zoon van Stoffer Ottens en Anna Sibilla Timmers. Hij huwde in
18xx met Hinderkien Oevermans (1770-1817) dochter van Jan Oevermans en Aaltien Brinks. Uit dit huwelijk
kwamen drie kinderen voort:
- Annegien (*1796).
- Aaltien (*1800).
- Jan (*1803).
Harm Christoffers gaf alleen bij de geboorte van Annegien op kastelein/landbouwer te zijn.
|
|
|
Haasken - Hadders:

|
|
|
Rechts: Roelof Hadders (1832-1896).
Links: Margien Haasken (1836-1900).
Margaretha Aaltina Hadders (1903-1980).
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd het
woongedeelte van de boerderij ingericht als "noodhospitaal".
Een ziekenhuis kende Emmen nog niet.
|
- 1832: eigenaar Hindrikus Haasken.
- 1880: eigenaar Jan Iken Haasken.
- 1916: eigenaar Hinderikus (Haasken) Hadders.
- 19xx: eigenaar Roelof (Zegering) Hadders en Margreet Hadders.
Hindrikus Haasken (1802-1864) geboren te Emmen, was een zoon van de schoolmeester Jan Haasken en
Margien Willems. Hindrikus huwde in 1828 met Jantien I(J)ken (1802-1859) geboren te Weerdinge. Uit
dit huwelijk kwamen vijf kinderen voort:
- Aaltien Haasken (1829-1881). Zij bleef ongehuwd.
- Jan Haasken Haasken (1831-1860).
- Margien Haasken (1834-1835). Zij werd slechts 1/2 jaar oud.
- Margien Haasken (1836-1900).
- Jan Iken Haasken (1840-1880). Hij bleef ongehuwd.
Hindrikus Haasken werd net als zijn vader schoolhoofd van de enige school die
Emmen toen rijk was. Deze school stond ten noorden van de Nederlands Hervormde kerk, sectie C928, in het
centrum van Emmen.
Jan Iken Haasken (1840-1880) bleef, tot zijn overlijden in 1880, in de ouderlijke boerderij aan het Marktplein
wonen. Of zijn ongehuwde zus Aaltien (*1829) inwonende was, is nog niet duidelijk.
Hun zuster Margien (1836-1900) huwde in 1871 met Roelof Hadders (1832-1896), een zoon van Jan Bronninger Harders
(1797-1858) en Geessien Zegering (1800-1872). Zij betrokken
een boerderij aan het Noordeind. Uit dit huwelijk kwamen drie kinderen voort, allen geboren te Emmen:
- Jan Hadders (1873-1929).
- Hinderikus (Haasken) Hadders (1875-1933) Hij bleef ongehuwd.
- Johannes Gerhardus Hadders (1879-1944).
Het was Hinderikus (Haasken) Hadders (1875-1933) die in de boerderij aan het Marktplein, gebouwd door
zijn grootvader Hindrikus (1802-1864), zou gaan wonen. Hinderikus bleef ongehuwd en woonde er alleen.
Bij Koninklijk Besluit van 15 februari 1877 kreeg hij toestemming om de naam Haasken Hadders te voeren. Hinderikus
Haasken Hadders overleed in 1933 op 57 jarige leeftijd in het rk ziekenhuis te Groningen.
Noot: Hinderikus was nog maar vijf jaar toen zijn oom Jan Iken Haasken (†1880) overleed. Hij woonde toen met
zijn ouders aan het Noordeind. Indien Hinderikus twintig jaar oud was toen hij aan het Marktplein ging wonen,
betekent dit dat de boerderij vijftien jaar lang door anderen bewoond is geweest.
Wie waren deze bewoners?
Jan Hadders (1873-1929), naar hem is de Haddersbank genoemd was vervener van beroep en
jarenlang wethouder van de gemeente Emmen. Hij huwde in 1901 te Odoorn met Wubbiena Roliena Zegering (1873-1933)
geboren te Exloo. Zij bewoonden de ouderlijke boerderij aan het Noordeind. Uit dit huwelijk kwamen twee kinderen
voort:
Roelof en Margreet lieten samen de villa "Lindenhof" bouwen en woonden daar van 1936 tot 1942. In dat
jaar huwde Roelof Zegering Hadders te Assen met Margien Hadders. Het pasgetrouwde echtpaar ging enige tijd in de
boerderij aan het Marktplein wonen. Villa Lindenhof werd tijdens de Tweede Wereldoorlog echter gevorderd door
de Duitse bezetter. Margreet moest de villa verlaten en trok in de boerderij aan het Marktplein die door haar broer
was verlaten om onder te duiken bij de familie Wolf aan de Angelsloërweg.
Na afloop van de Tweede Wereldoorlog bleef Margeet hier wonen. Zij stelde het achterhuis beschikbaar voor de
pas opgerichte vereniging Oudheidkamer De Hondsrug.
|
|
|
Oudheidkamer:

|
|
|

De boerderij voor 1936.
Waarschijnlijk is het nog niet in gebruik als museum.
Op de achtergrond is het Willingehuis nog te zien welke in 1936 is afgebroken.
De ronde boerderij raampjes (boven) werden tijdens de verbouw tot Oudheidkamer vervangen
door vierkante kozijnen (onder).
Tijdens de afbraak van het Willingehuis in 1936 kwam er zuiver groen
kathedraalglas tevoorschijn dat 400 jaar oud bleek te zijn. Dit glas zou hergebruikt zijn voor
de ramen van de voormalige Oudheidkamer op het Marktplein.
Noot: er zit twee jaar verschil tussen afbraak van het Willingehuis en verbouw tot Oudheidkamer.......
foto juni 1934

De Oudheidkamer binnen: Engelien Lamberts Huizing (bezig met zandstrooien), dhr Buiskool,
meester Jonker (leerkracht te Noordbarge) en dhr De Vos Steenwijk. Geheel rechts R.Zegering Hadders.
Conservator H.Buiskool 1935

|
- 1934:
- Voorkant: woonhuis Margreet Hadders.
- Achterkant: museum oudheidkamer De Hondsrug.
Het voorste deel van de boerderij bleef tot in de jaren zeventig dienst
doen als woonhuis voor Margreet Hadders die in 1934 de deel van de
voormalige boerderij beschikbaar stelde voor de pas opgerichte vereniging Oudheidkamer
De Hondsrug. Het
aanbod werd met beide handen aangegrepen.
Toen zij de boerderij verliet heeft het
woongedeelte een jaar leeg gestaan. Het is zelfs nog een keer gekraakt
geweest. Eind jaren zeventig nam de vereniging Oudheidkamer De Hondsrug het
hele gebouw in gebruik als museum.
Emmen bezat tussen 1920 en 1928 al een soort oudheidkamer. Ds.H.de
Groot, predikant in de Nederlands Hervormde kerk, richtte als eerste
een oudheidkamer in Emmen op omdat hij zeer geïnteresseerd was in de
geschiedenis van Emmen. Hij had veel oude voorwerpen verzameld en vond dat
Emmen een soort oudheidkamer moest hebben. Omdat geschikte ruimte daarvoor
ontbrak richtte hij het koor van de kerk in waar hij een groot aantal
voorwerpen uit het verleden tentoonstelde. Zo kreeg Emmen haar eerste
oudheidkamer. In het krantje "Onze Kerk" deed hij geregeld verslag
over nieuwe aanwinsten voor het museumpje.
Het ging kennelijk goed want, zo schreef H.T.Buiskool in 1947:
"zowel het Rijksmuseum in Leiden als het Provinciaal
Museum voor Oudheden en Geschiedkundige voorwerpen in Drenthe zagen het museum als
ongewenste concurrentie". Vooral het feit dat voorwerpen door derden in
bruikleen werden gegeven bleek een factor van belang.
Verschillende besprekingen tussen Dr.J.H.Holwerda (Rijksmuseum Leiden) en
Prof.Dr.A.E. van Giffen (conservator van het Provinciaal Museum) liepen telkens op
niets uit. In 1928 kwam er echter onverwacht een overeenkomst.
Toen Ds.De Groot naar Uskwerd vertrok werd een deel van zijn collectie, die door particulieren was
afgestaan, teruggevraagd, een ander deel verhuisde naar het Provinciaal
Museum van Oudheden in Assen. Emmen zat weer zonder Oudheidkamer.
Sluiting van de Oudheidkamer was voor Ger de Leeuw reden om de
Historische Vereniging Zuidoost Drenthe op te richten.
Hoewel er stemmen opgingen een nieuwe Oudheidkamer op te richten, bleef
het bij plannen totdat opgravingen van Dr.F.A.Burch in de Emmerdennen de
aanleiding vormde tot het (in 1931) oprichten van een comité, bestaande uit
burgemeester Bouma, E.Vegter, hoofd van School 2, en H.T.Buiskool, hoofd der
school in Weerdinge.
Zij nodigden Prof.Dr.A.E.van Giffen uit om een lezing te houden om te komen
tot het oprichten van een Oudheidkamer. Na deze lezing van Van Giffen,
gehouden in de
bovenzaal van hotel Groothuis, werd op 10 maart 1932 een vereniging opgericht,
met als doel het stichten van een oudheidkamer in Emmen, om belangrijke
historische zaken afkomstig uit Zuidoost Drenthe bijeen te brengen en te houden.
Als bestuursleden werden gekozen:
- Ir.J.L.W.Blokhuis (voorzitter).
- E.Vegter (penningmeester).
- H.T.Buiskool (secretaris - conservator).
- A.Huizing.
- D.van
den Bospoort.
Burgemeester Bouma werd gekozen tot ere voorzitter. Na het
overlijden van A.Huizing nam R.Zegering Hadders zijn plaats in. Na het vertrek
van Van den Bospoort werd de vacature door J.Horring voorzien. De vrijgekomen
vacature na het vertrek van Bouma werd niet ingevuld.
De vereniging beschikte bij de oprichting niet over een eigen onderkomen,
waardoor de vereniging in eerste instantie een "demonstratief"
karakter droeg. Voor vergaderingen en bijeenkomsten maakte zij gebruik van het
voormalige Hotel Wielens in Emmen, dat tegenover het postkantoor aan de
Hoofdstraat heeft gestaan.
Artikel 3 van de statuten luidde:
"Het doel der vereniging is de behartiging der
oudheid- en geschiedkundige belangen in de gemeente Emmen, het bevorderen van
de daarmee gepaard gaande wetenschap, de instandhouding, bewaring, waar
wenselijk herstel van de betrekkelijke monumenten en het aankweken van de
belangstelling daarvoor."
In artikel 4 stond: "De vereniging tracht dit doel te bereiken:"
"a. door samenwerking met meer algemene
instellingen en organisaties op dit gebied, in de eerste plaats met die in de
provincie en voorts, zo nodig, met zulke in het Rijk;"
"b. door het verzamelen van de op de gemeente
Emmen betrekking hebbende of daarin gevonden oudheid- of geschiedkundige
voorwerpen en de behoorlijke verzorging d.w.z. bewaring en opstelling daarvan
in een speciaal daartoe te Emmen in te richten Oudheidkamer;"
"c. door het doen instellen of bevorderen van
wetenschappelijk bodemonderzoek, eventueel het conserveren van oudheidkundige
of historische, binnen de gemeente Emmen zich bevindende monumenten onder
deskundige leiding, door het verzamelen en notuleren, eventueel publiceren van
desbetreffende berichten of geschriften en voorts door het organiseren van
excursies lezingen en voordrachten, en zo mogelijk het aanleggen van een
bibliotheek."
In 1934 stelde Margreet Hadders het achterhuis van haar boerderij aan
het Marktplein aan de vereniging beschikbaar, die door de toenmalige aannemer
Daanje uit Emmen geschikt werd gemaakt voor het houden van exposities en
tentoonstellingen. Bij de inrichting werd zoveel mogelijk de oude vorm van het
gebouw bewaard. Vooral de verlichting werd geroemd omdat de lampen en spots
zeer verdekt waren opgesteld. De totale verbouwingskosten bedroegen f 1.200,- (!)
In augustus 1934 konden de eerste bezoekers het museum bezoeken. De officiële
opening vond echter pas plaats op 11 mei 1935 en werd verricht door de
toenmalige Commissaris der Koningin van Drenthe Mr.Dr.De Vos Van Steenwijk.
Bij de opening was ook Prof.Dr.A.E.van Giffen aanwezig. Deze had bij de
inrichting, waarmee vooral Dhr.R.Zegering Hadders en Dhr.H.T.Buiskool zich intensief
hadden bezig gehouden, zeer deskundige adviezen gegeven.
|
|



|
De Oudheidkamer werd in de eerste jaren direct zeer goed bezocht. Topjaar was
1946 met 20.200 bezoekers. Het bezat dan ook een aantal zeer bijzondere
voorwerpen. Vooral de verzameling urnen werd geroemd. Ook een groot aantal
andere gebruiksvoorwerpen uit de prehistorie kon men er bewonderen. Bij het binnenkomen zagen
bezoekers al dadelijk de brede schouw, die met bedstede,
spinnewiel, driepoottafel met knopstoelen, kraantjespot met toebehoren het
karakter verleende van een oude Drentse boerenkeuken. De schouw was het type
van een Saksische boerderij te Weerdinge.
Links van de ingang vond men een buitengewoon belangrijke collectie stenen,
aangekocht van de amateur geoloog G.H.Ligterink te Zuidbarge en landbouwleraar
Prof.Jac.Elema. Voorts vond men hier voorwerpen uit het Steentijdperk, een
maquette van een opgegraven grafheuvel nabij Weerdinge en verder het in 1938
te Emmer Erfscheidenveen gevonden veenlijk. Links hiervan waren de urnen opgesteld.
In het midden stonden vitrines met gouden en zilveren sieraden, poppen in
oud-Drentse klederdracht en koperen en tinnen gebruiksvoorwerpen, terwijl
tevens een tafel was ingericht voor oude boeken.
In de rechterzijvleugel stond een maquette over het ontstaan van een
veenkolonie en tevens lagen hier veengereedschap voor turfgraven en baggeren
als handwerk.
Rechts naast de ingang stond aan de voorwand een weefgetouw, vlasbraak en
andere voorwerpen, als representanten van de vroegere huisnijverheid. Aan de
wanden hingen schilderijen van ds.H.de Groot en enige kleurendrukken van E.van
Drielst. Aan de linkerwand waren enige hertengeweien opgehangen (alluvium).
|
|
|
Bezoekers:

|
|
|
|
| overzicht bezoekers Oudheidkamer |
| jaar |
aantal bezoekers |
jaar |
aantal bezoekers |
jaar |
aantal bezoekers |
jaar |
aantal bezoekers |
| 1950 |
10.520 |
1960 |
8.746 |
1970 |
17.771 |
1980 |
? |
| 1951 |
8.321 |
1961 |
12.938 |
1971 |
17.047 |
1981 |
? |
| 1952 |
7.395 |
1962 |
13.730 |
1972 |
19.212 |
1982 |
? |
| 1953 |
6.677 |
1963 |
10.785 |
1973 |
? |
1983 |
? |
| 1954 |
10.100 |
1964 |
8.328 |
1974 |
? |
1984 |
? |
| 1955 |
10.005 |
1965 |
14.294 |
1975 |
? |
1985 |
? |
| 1956 |
10.656 |
1966 |
12.386 |
1976 |
? |
1986 |
? |
| 1957 |
10.314 |
1967 |
8.634 |
1977 |
? |
1987 |
? |
| 1958 |
11.354 |
1968 |
9.259 |
1978 |
? |
1988 |
? |
| 1959 |
9.448 |
1969 |
12.073 |
1979 |
? |
1989 |
? |
|
|
|
Het Radiotron:

|
|
|
Henk Stormer in zijn museum.

Juni 1976.
Foto: © J.Anninga.
Juni 1976.
Foto: © J.Anninga.
Wie herkent deze jongeman?

|
- 1974-1992 Radiomuseum "Radiotron".
Boven de Oudheidkamer was een zolder waar Henk Stormer een museum
begon, welke later de naam "Radiotron" zou krijgen.
Henk Stormer werd geboren op 7 maart 1919 in Bolsward. Daar werd hij als
kleine jongen gefascineerd door een grammofoon die zijn oom in het bezit had
en voor een tuinfeest buiten was gezet. Het was voor het eerst dat hij
zoiets moois meemaakte en bleef de hele avond met zijn oor in de hoorn.
In 1925 verhuisden zijn ouders naar Beilen. Daar hoorde hij, bij een
vriendje thuis, voor het eerst een radio. Als de radio aanging werd het
doodstil en luisterde iedereen aandachtig naar de stem die er uitkwam, wat
was dat een wonder. Het gezin Stormer bleef niet in Beilen wonen.
In 1930 vertrokken ze naar Heerlen in het verre zuiden waar ook een
kostganger in huis werd genomen. Deze man knutselde radio’s in elkaar en
beïnvloedde daarmee het leven van Henk Stormer. Als 11 jarige jongen stond
hij er met zijn neus bovenop. Vanaf dat moment wist hij zeker dat ook hij
iets met radio’s wilde gaan doen.
Omdat zijn moeder het niet kon vinden in het zuiden en graag terug wilde
naar het noorden, verhuisde het gezin in 1936 nogmaals, dit maal naar Emmen.
Hier ging Henk Stormer bij zijn vader werken die een kapsalon dreef in de
Derksstaat. Het beroep van kapper was echter helemaal niets voor de
technicus. Al snel volgde hij de opleiding voor radio technicus. Net voor
het begin van de Tweede Wereldoorlog in 1940, begon hij een eigen
radiobedrijfje en 's avonds was hij werkzaam als filmoperator bij Groothuis
aan het Marktplein. Na de periode Groothuis was hij werkzaam bij de
nieuwgebouwde bioscoop het "City Theater" aan de Notaris
Oostingstraat. Hier heeft hij meer dan 40 jaar gewerkt.
Henk Stormer dreef zijn radio en televisiezaak aan de Van Drielststraat
waar hij ook woonde. Van hieruit ging hij op zijn fiets langs klanten om hun
radio of televisie te repareren. Op een zekere dag in 1964, toen hij bezig
was de zolder op te ruimen, vond hij vier oude radiolampen en bedacht zich
op dat moment dat het zonde was dat zoiets verloren ging. Het idee ontstond
er iets mee te gaan doen. Vanaf dat moment vroeg hij bij alle klanten waar
hij kwam: "of ze nog iets voor hem hadden".
In 1969 had hij voor het eerst een expositie in een etalage in Emmermeer.
Twee jaar later al vroeg hij toestemming om een expositie te mogen houden op
de zolder van de oudheidkamer. Dit is op het laatste moment niet doorgegaan,
maar hij gaf het niet op. In 1972 deed hij nogmaals een verzoek en dit maal
kreeg hij toestemming om drie weken te exposeren. In 1973 volgde wederom een
expositie, dit keer echter gedurende 13 weken. Het werd tijd dat zijn
expositie een naam kreeg en noemde het "DE RADIO TOEN".
De toegangsprijs was voor volwassenen 35 cent en kinderen 25 cent,
waarvoor de bezoekers in die tijd tien tafels met tentoongesteld materiaal
konden bekijken. Dhr Stormer wilde eigenlijk graag een eigen onderkomen. Hij
kwam in contact met de heer M.P.Ritmeester die ook een ander onderkomen
zocht voor zijn verzameling oude elektrische materialen, die hij tot dan in
een schuur aan de Nieuw Amsterdamse straat had ondergebracht. Mede door een
actie van de Emmer Courant, wat er met het oude gemeentehuis moest gebeuren,
ontstond het idee om het oude gemeentehuis als nieuwe onderkomen voor hun
verzamelingen te vragen. Deze stond leeg, verkeerde in verpauperde toestand
doch de gemeente was er nog niet over uit wat ze met de voormalige boerderij
wilden doen. Hoewel ze niet onwelwillend tegenover het idee stonden, brandde
het gemeentehuis helaas af waardoor het plan niet doorging. Er gaan nog
steeds geruchten dat deze brand onder "verdachte omstandigheden"
had plaats gevonden. In 1974 kreeg Stormer van het bestuur van de
Oudheidkamer te horen dat hij zich permanent op de zolder van de
Oudheidkamer mocht vestigen.
Op dat moment heeft Stormer de naam van zijn museum veranderd in het
"RADIOTRON". Waren er in het begin uitsluitend grammofoons,
telefoons en radio’s (lees: geluid) te bewonderen, een jaar later werd het
museum uitgebreid met toverlantaarns, fototoestellen en filmapparatuur
(lees: beeld). Dit alles werd nu al uitgestald op ongeveer 30 tafels. Het
museum trok jaarlijks 5000 tot 6000 bezoekers.
In 1974 organiseerde Stormer en Ritmeester de eerste Europese ruilbeurs
voor hobbyisten en radioverzamelaars. Deze werd gehouden in de bovenzaal van
hotel Grimme aan de Markt. In de jaren daarna werd deze ruilbeurs in oude
radio’s, fototoestellen en allerhande onderdelen gehouden in de de kantine
van de LTS, ingang Weerdingerstraat. Toen in 1979 de elektrische gloeilamp
100 jaar bestond kregen Stormer en Ritmeester een expositie in het nieuw
gebouwde gemeentehuis aan de Hondsrugweg.
In 1985 eindigde de samenwerking tussen Stormer en Ritmeester. Deze
laatste ging zijn aandacht richten op Nijkerk waar Het Elektriciteitsmuseum
vanaf 29 mei 1984 te bezichtigen was. In 1993 is Het Elektriciteitsmuseum
verhuist naar Hoenderloo.
Bij Stormer ontstond langzamerhand het besef dat zijn museum behouden zou
moeten blijven als hij kwam te overlijden. Het liefste zag hij dat één van
zijn kinderen het zou overnemen. Dit zou helaas niet lukken omdat zijn droom
niet verwezenlijkt kon worden het museum uit te breiden. Hem stond ook een
filmzaal voor ogen waar films afgewisseld konden worden met een voorstelling
van de toverlantaarn. Een uitbreiding met een fotostudio uit vervlogen
tijden, vermaak voor de kinderen, en een restaurant voor een hapje en een
drankje. Dit alles bleef helaas een droom . Een andere gedachte was om alles
aan de gemeente Emmen te schenken als het museum maar kon blijven bestaan.
In 1988 kreeg men te horen dat de Oudheidkamer gesloten zou gaan worden
en dat de waardevolle spullen uit het museum ondergebracht zouden worden in
het museum in Assen. Ook hij zou een ander onderkomen moeten gaan zoeken.
Met hulp van de gemeente Emmen kwam er nog een expositie in het Veenpark te
Barger Compascuum. Even was er nog hoop op een onderkomen in het Veenpark en
dat de verzameling behouden zouden blijven. Voor hem was het
allerbelangrijkste dat zijn "spullen", waar hij zoveel voor had
gedaan en gelaten, bij elkaar bleven en behouden zou blijven voor het
nageslacht. Het zou niet lukken.
In 1991 kwam het vreselijke bericht dat met ingang van 1992 de zolder
ontruimd moest zijn omdat er het VVV kantoor gevestigd zou worden. Bij
gebrek aan ruimte en verdere medewerking van de gemeente besloot Stormer,
die de pensioengerechtigde leeftijd al was gepasseerd, om geen nieuwe wegen
meer in te slaan. Hij wist echter niet waar hij met zijn zeer uitgebreide
collectie heen moest. Er zat voor hem dan ook maar één ding op. Juist
datgene waarvan hij hoopte dat het nooit zou gebeuren. Helaas werd zijn
nachtmerrie waar. Met veel verdriet zag hij zich genoodzaakt om alles te
verkopen. Niet eens in één verkoop, maar in gedeelten werd alles verkocht.
Ritmeester nam voor een vriendenprijs veel van de radiotoestellen over,
maar had geen belangstelling voor de fototoestellen, het speelgoed en 78
toeren grammofoons en platen. Deze werden aan derden verkocht.
Het museum was een stuk van Stormers leven. Door tegenwerkingen van de
gemeente heeft hij veel teleurstellingen moeten verwerken. De verkoop van
"zijn spullen" heeft hem een stuk van zijn leven gekost. Henk
Stormer overleed nog datzelfde jaar op 17 april 1992.
Het Nederlands Elektriciteitsmuseum van de elektrotechnicus M.P.Ritmeester is
ook op internet te vinden:
www.radiotron.nl
|
|
|
VVV:

|
|
|
VVV kantoor aan de Stationsstraat.
|
Emmen had geen Oudheidkamer meer, en geen Radiotron, maar plannen om de VVV in de
mooie oude boerderij te huisvesten. Omdat de hele voormalige boerderij voor
deze vereniging alleen te groot zou zijn, werd besloten om er ook een
restaurant in onder te brengen. (restaurant De Kamer)
Omstreeks 1966 was de VVV nog gehuisvest in een kiosk naast hotel Postma in de
Stationsstraat. Noldy ter Stege, een dochter van de directeur
van de Emmer Courant, was destijds directrice. Eén van de informatrices was
Betty Snel. Omdat Noldy in 1967 naar de Provinciale VVV vertrok werd ze
opgevolgd door Lucy Haarbrink. Het bestuur van de VVV bestond uit voorzitter
Mr.Loorbach, secretaris Keldermans en penningmeester Alferink.
De informatrices (gastvrouwen) moesten voldoen aan een aantal "strenge" nu
grappige gedragsregels van de VVV. Zo kende men de volgende regels:
- Informatrices dienen steeds aan kleding en uiterlijk veel aandacht te besteden.
- Een informatrice treedt bezoekers hoffelijk en opgewekt tegemoet.
- Zij spreekt begroetingswoord in het Nederlands, tenzij haar reeds is gebleken, dat zij op vreemde taal is aangewezen.
- Zij is steeds beleefd, spreekt "met twee woorden", legt zo mogelijk iets persoonlijks in haar optreden.
- Zij past zich zoveel mogelijk aan bij de mentaliteit der bezoekers, waarmede wordt bedoeld:
- hem(!) op zijn gemak te stellen, als hij blijk geeft van verlegenheid en onwennigheid
- enige reserve te tonen bij al te grote vrijpostigheid(!)
- zij moet naast innerlijke beschaving haar uiterlijke verschijning in de gaten houden
- smaakvolle en niet te opvallende kleding (bij vorst geen pantalon in kantoor)
- verzorgde opmaak en lichaamsverzorging
- juiste houding (te verbeteren door een of andere vorm van gymnastiek, ritmisch dansen of ballet)
Naast het verstrekken van toeristische informatie, verzorgde de VVV
destijds ook de kaartverkoop voor het theater De Muzeval, hetgeen wel eens
tot hectische situaties leidde toen de kaartjes voor populaire
voorstellingen binnen 20 minuten uitverkocht bleken te zijn.
|
|
|
VVV week:

|
|
|
Concours d'elegance
Prachtige dames en oude auto's.
|
Zeer bekend was in de jaren 60 de VVV week. Hoogtepunt was de
"bloemenkoningin" verkiezing. Dit was een concours d'elegance van
allerlei schitterend met bloemen versierde auto's waarin aspirant
bloemenkoninginnen zaten. Het hele gebeuren vond voor het eerst in 1956
plaats rondom de Nederlands Hervormde kerk. Bij de (voormalige en enige
echte) Haddersbank zat de jury die meestal uit plaatselijke notabelen
bestond zoals Aleid Rensen, voorzitter van de VVV.
De dames liepen over het daarvoor aangelegde plankier in prachtige
japonnen versierd met bloemen en hoeden of bloemstukken op hun hoofd en in
hun hand. De jury bepaalde wie de mooiste was. Daarbij ging het niet om
intelligentie. Er werd puur gejureerd op creatie en presentatie. Dit hele
gebeuren was een enorm prestige object voor de Emmer bloemisten en trok
altijd drommen mensen. Het was in die tijd een grote happening.
Het kantoor van de VVV heeft daarna in een kiosk op de Weiert gezeten.
Jarenlang was mevrouw Sikken Oldewarris hier directrice. Ook de heer Peters,
directeur van de voormalige Gero fabriek in Nieuw Weerdinge was directeur
van de VVV in "de Weiertkiosk". Toen de VVV naar de Oudheidkamer
uitweek, kwam er een kinderkledingzaak in de kiosk. Deze is later afgebroken.
De VVV zit anno 2002 in een aantal keten voor het Noorder
Dierenpark, de Oudheidkamer opgedoekt, het Radiotron noodgedwongen
verdwenen. Wat een gemiste kansen. De deel van de oude boerderij kwam anno
2002 leeg te staan. Het leek erop dat ook dit pand zou verpauperen doch horecaman
Piet Fokkema er maart 2004 het Spaans café Tapas Real geopend. In 2005 sloot Tapas
Real de deuren alweer.
|
|
|
Fotogalerij:

|
|
|


1969











1936


De Oudheidkamer jaren '60.
jaren '60.
2005

|
|
|
|
Tapaz:

|
Contact gezocht met Piet Fokkema, familie of bekenden.
Informatie en foto's gevraagd. Wie helpt?
|
|
Te koop: mei 2003.
|
- xxxx-xxxx Tapaz restaurant.
|
|
|
Vliegeniers:

|
Contact gezocht met eigenaar, familie of bekenden.
Informatie en foto's gevraagd. Wie helpt?
|
|
|
- xxxx-xxxx Restaurant De Vliegeniers.
|
|
|
Brand:

|
|
|



2006
|
In de vroege morgen van 26 december 's 2006 is het voormalige rietgedekte voormalige staldeel afgebrand.
In dit deel was op dat moment het restaurant De Vliegeniers gevestigd.
De brand ontstond door een verdwaalde vuurpijl die op het rieten dak belande. Restaurant De
Kamer van uitbater Bert Grimme kon worden gespaard, hoewel het restaurant wel rook, roet en
waterschade had opgelopen. De Kamer ging in april 2007 weer open.
Eigenaar Ronald Lubbers liet weten dat hij het voornemen had het staldeel geheel te renoveren.
De schade was te groot, en een historisch pand zou het nooit meer worden. Anderhalf jaar lang gaf
het geheel een vrij troosteloze aanblik.
Medio 2008 opende Janoux Ensink er het strandcafé MM aan zee. Haar vader timmerde daar
eigenhandig met enige hulp een heuse blokhut in elkaar. Met het zand ervoor veranderde de
troosteloze aanblik in een strandtafereel.
|
|
|
Bronvermelding:

|
|
- Gerrie van der Veen (die een deel van deze tekst oorspronkelijk heeft gepubliceerd).
- B.Jonker Snel.
- S.Hoek Beugeling.
- J.Medas Stormer.
- M.P.Ritmeester.
- J.Alberts.
- "Toen alles nog anders was" door B.J.Mensingh. Uitgeverij Drenthe te Beilen. ISBN 90-75115-33-4.
- "Rondwandeling door de Oudheidkamer "De Hondsrug". Originele museumgids, uitgeverij Tockens Jr., Emmen.
- "Historia", maandblad voor geschiedenis en kunstgeschiedenis, 12e jaargang nr.5 mei 1947.
Artikel door H.T.Buiskool, uitgave Kemink en Zoon te Utrecht.
- "Ach lieve tijd" deel 10, uitgave 2002-2003 door uitgeverij Waanders te Zwolle.
- Dagblad van het Noorden 15 juli 2007.
- Foto's:
- A.Pool.
- R.Boelens.
- J.Anninga.
- E.Hof.
- S.Hoek Beugeling.
- Mevrouw van Wieren Bosklopper.
- Dhr.Grinhuis.
- Dhr.Schippers.
- Geïllustreerd Zondagsblad.
- Archief gemeente Emmen.
|
|
|