|
In de 15e eeuw was er in Emmen een vorm van onderwijs die onder invloed van de katholieke kerk stond. De scholen
stonden bekend als klooster - en kapittelscholen.
Door de hervormingen aan het eind van de 16e eeuw kwamen er veranderingen omdat de stadhouder de taak van
onderwijzen naar zich toe had getrokken. Dit kan gezien worden als het eerste "openbare" onderwijs.
In 1598 had Willem Lodewijk van Nassau aan Drost en gedeputeerden geschreven dat alle pastoors, priesters,
vicarissen, schoolmeesters en andere katholieke geestelijken uit hun functie moesten worden ontslagen tenzij
zij zich aan de nieuwe leer wensten te onderwerpen. Er was een soort examen om de kennis te toetsen. Voldeed
men aan de eisen kon men aan het werk als gereformeerd predikant of meester.
1598: Harmannus Andries Dries. Omdat hij overging tot de gereformeerde leer is het bekend dat hij in
dit jaar koster / schoolmeester was in Emmen.
1602: Herman Dreuwes. Uit een verslag van 1602, waarin de Zuidbarger schoolmeester
(tevens koster van de kerspelkerk) Herman Dreuwes wordt genoemd, blijkt dat niet iedereen
overging op de nieuwe religie. Hij mocht door zijn onbesproken gedrag aanblijven. Mede daardoor
heeft hij wel "offers" moeten brengen. Door de kerkvoogden werd hem graan onthouden en moest
hij zelf het onderhoud aan huis regelen en betalen. Van Wolter Syckynnge uit 1632 en Luijtyen
Syckynnge uit 1643 (beide volmachten van Zuidbarge) zijn keurige handschriften bekend. Het
schrijven hebben zij vermoedelijk van Dreuwes geleerd.
1646: Willem Wolters.
Van 1670 tot 1806 werd door vier generaties Gerris onderwijs gegeven. De familie Gerris bezat enig aanzien.
Zij zaten niet slecht bij kas en konden behoorlijke bedragen uitlenen. Elke generatie komt in historische
stukken naar voren als keurnoot of bijzitter van de schulte als er overeenkomsten, of schuldbekentenissen
moesten worden getekend.
1670-1695: Henrick Gerris (1649-1723), was gehuwd met Trijntien Jansen (koster / schoolmeester).
1695-1727: Harm Hendricks Gerris (1670-1727), was gehuwd met Grietjen Remmels Cremer.
1727-1771: Hendrik Harms Gerris (1706-1781), was gehuwd met Lammigjen Schutrups uit Odoorn.
1771-1806: Willem Hendriks Gerri(t)s (1742-1813), was gehuwd met Jantien Dolfinge.
1806-1820: Jan Haasken volgde zijn schoonvader Willem Hendriks Gerri(t)s op. Jan Haasken
(1722-1820) was in 1801 gehuwd met Margien Gerri(t)s, een dochter van Willem Hendriks Gerri(t)s en Jantien
Dolfinge. Van Jan Haasken is niet bekend of hij de functies van koster én schoolmeester
tegelijkertijd uitoefende. Hij was een meester vierde rang.
1820-1864: Henderikus Haasken trad in de voetsporen van zijn vader en grootvader naar
wie hij vernoemd werd. Hij was één van de vier kinderen van Jan Haasken en Margien. Henderikus
Haasken (1802-1864) stond bekend als een uiterst lastig persoon.
Van 1861 tot 1863 was Johan Hendrik Klazinga hulponderwijzer aan de school. Hij werd daarna
aangesteld als schoolhoofd in Zuidbarge.
|