|



Staande v.l n.r. Harm Hegen, Piet Roede en Jan Willem v.d.Hof. De namen van de twee
mannen op het dak zijn onbekend. Wie helpt?




|
Voordat de brandweer van Emmen
de locatie aan de Van Schaikweg betrok had het tussen 1945 en 1966 diverse locaties in gebruik:
- Aan de Raadhuisstraat, de eigenlijke kazerne.
- Aan de Derksstraat, de Bergman garage.
- Aan de Molenstraat, de molen waar brandslangen werden gedroogd en gerepareerd.
- Aan de Westenesscherstraat, de eiermarkt als stalling van diverse brandweermateriaal.
Waar de brandweerkazerne aan de Raadhuisstraat stond is tegenwoordig de ingang van de Vlinderpassage.
Links naast de garage stond het voormalige arrestantenlokaal welke werd omgebouwd tot wachtlokaal. Daar
had men telefoondienst en in dezelfde lokaliteit zat de gehele ploeg van vijf man. Zowel 's avonds als in
het weekend. Behalve een krantje lezen en wat kletsen had men niet veel ontspanning. Het was een gezellige
en gemoedelijke club. Er was veel aanloop van diverse mensen om een praatje te maken. Meestal kon men er
ook wel een kop koffie krijgen.
In 1947 is boven de eigenlijke garage een verdieping gebouwd, waar de slaapzaal gerealiseerd werd. De
oorspronkelijke slaapzaal in het wachtgebouw werd omgebouwd tot kantoor. Men had hier ook de centrale
telefoondienst van de gemeente als de centrale in het gemeentehuis niet bezet was.
Een aantal brandweerlieden hadden aan de overkant van de Raadhuisstraat waar de eigenlijke kazerne stond,
een tuintje naast de kosterswoning van Jeuring. Dit was een leuke ontspanning. De tuintjes onderhielden ze
in de avonduren als ze dienst hadden. Ook een aantal politieagenten had hier een volkstuintje. Er was
onderling wat rivaliteit wie de mooiste vruchten in de tuin had. Ook was men wel in voor een geintje.
Zo had iemand van de brandweer heel vroeg in de morgen de grootste en de kleinste laars die hij kon vinden
in de kazerne aangedaan en was daarmee door de tuin van een politieagent gewandeld (tussen de bonen door).
Reken maar dat hier reactie opkwam.
Slangen wassen was er ook bij. Vooral na een veenbrand was de gehele ploeg bezig aan het schrobben en
schoonspuiten. Na het schoonmaken perste men de slangen af voor controle op lekkage. Daarna werden ze over het
dak gehangen om uit te lekken, vervolgens werden ze opgerold en naar de molen in de Molenstraat vervoerd om
daar te drogen en eventueel repareren klaar voor de volgende brand.
Het complete korps bijeen voor de kazerne aan de Raadhuisstraat.
Foto genomen ter gelegenheid van het afscheid van Jan Schepers in september 1962.
Staande v.l.n.r.: J.Weggemans, B.Mensingh, H.Bouwland, H.Gebben, U.van der Holt, S.Riedman,
J.Schröder, H.Veld, H.Hegen, P.Roede, K.Kuper en O.Zwols.
Zittend v.l.n.r.: R.Bults, J.Kuper, J.W.Fidom, J.W.van den Hof, R.Berends, H.Schepers (zoon van Jan),
J.Schepers, burgermeester Gaarlandt, J.Lukkien, J.Gangelhof, H.Nijenbrinks en J.Nijmanting.
Commandant Ru Berends was de zoon van smid Berends uit de Wilhelminastraat. Toen hij trouwde,
woonde hij in een houten gebouwtje (een noodwoning) achter Gemeentewerken. Jan Lukkien was
plaatsvervangend commandant, Jan Kuper was timmerman, Ot Zwols chauffeur op de eerste bluswagen
(woonde aan de Derksstraat boven de Bergman garage), Jan Weggemans was chauffeur op de tankwagen
en ladderwagen was daarnaast elektricien en heeft o.a. in de boerderij van Van Loo aan de
Noorderstraat gewoond, Harm Bouwland was administrateur en heeft ook in de boerderij van Van Loo
aan de Noorderstraat gewoond, Piet Roede was metaalbewerker, Henk Velt functie onbekend, Jaap
Schrőder was automonteur, Harm Hegen was schilder, Harm Nijenbrinks was smid, Jan Schepers
deed het onderhoud aan de slangen, Roelof Bults was automonteur, Jan Willem van der Hof was
timmerman, Jan Gangelhof was timmerman, Berend Mensingh was timmerman, Klaas Kuiper was
automonteur, Henk Gebben was timmerman, U.van der Holt was smid bankwerker, S.Riedman onderhoud
slangen, J.W.Fidom was automonteur, J.Nijmanting functie onbekend.
|