- 1938-1939 Boekwinkel Provinciale Drentse en Asser Courant, gedreven door de heer Meesters.
- 1939-1984 Boekwinkel De Zuid-ooster.
- Noorderstraat 28, in 1961 Noorderstraat 2.
In september 1939 nam Diederick Molijn de taak van Meesters over. Molijn werd geboren in 1899 te Utrecht
als zoon van een boekhandelaar. Hij huwde in 1923 met Elizabeth Maarssen. Uit dit huwelijk
kwamen drie kinderen voort:
- Suus (*1927).
- Ria (*1931).
- Dick (*1934).
De kinderen werden uiteraard met boeken opgevoed en lazen veel. Een
verjaardag zonder boek was geen verjaardag.
Vijf jaar voordat Molijn in Emmen begon had hij een eigen zaak gehad in Stadskanaal.
De verhuizing van Stadskanaal naar Emmen leverde nogal wat problemen op omdat veel
zaken tijdens de mobilisatie waren gevorderd. Er was alleen een kleine verhuiswagen
beschikbaar en daardoor bleven spullen achter in Stadskanaal. In het begin van de
Tweede Wereldoorlog viel de bevoorrading mee omdat de Zuid-ooster ook een kantoorboekhandel
was. De door de bezetter verboden boeken waren echter wel een probleem. Ze werden niet
vernietigd of verbrand, maar door Molijn in de kelder verstopt en vaak stiekem verkocht.
Dit was riskant want er werd regelmatig gecontroleerd. Omdat de Zuid-ooster ook een
uitleenbibliotheek had, moesten daaruit ook boeken worden verwijderd. In de loop van
de oorlog werden de boeken en het papier steeds slechter van kwaliteit. De beschikbaarheid
van kantoorartikelen werd ook steeds minder. Molijn regelde het zo dat hij bij voorkeur
alleen bepaalde artikelen verkocht aan mensen die het nodig hadden voor hun werk en hun
brood er mee moesten verdienen. Voor anderen "was het er niet".
Molijn verzorgde ook de post voor de ondergedoken joodse familie Jakobs, die tegenover hen woonde.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog had Molijn een onderduiker in huis. Deze had in huis een
zekere mate van bewegingsvrijheid, maar zat bij onraad verstopt achter de wand van een kast
onder de trap. Deze schuilplaats was gemaakt door Warringa. Bij het gezin Molijn, dat
behoorde tot de Baptisten, werden tijdens de oorlog huissamenkomsten gehouden. Eén van de
deelnemers daaraan was een NSB-er, en om te voorkomen dat de onderduiker zich door geluid
kon verraden, speelde de heer Molijn zo hard hij kon op de piano.
Hoewel men in de oorlog de radio’s in moest leveren, luisterde Molijn naar de Engelse
zenders. Na de oorlog vroeg zijn dochter eens waar die radio was. Die bleek gewoon in de
winkel te zijn, in een doos met boeken erop.
De boekhandel was een deel van het Udema complex. Onder de panden zaten kelders, die
met elkaar in verbinding stonden. Behalve vanuit de woningen, kon men ook in die kelders
komen via een toegang op het pleintje achter de winkels. Zo kon men van de Noorderstraat
via de kelders in de Hoofdstraat komen. Mevrouw Flier heeft hier wel eens gebruik van
gemaakt. Haar man was ondergedoken en ze werd in de gaten gehouden. Om mensen niet in de
problemen te brengen ging ze dan bij Molijn naar binnen en via de kelders kwam ze bij Van
der Kaap weer tevoorschijn.
De Zuid-ooster bleef tot de jaren ’70 bestaan. Nadat de heer Molijn zich uit de zaak
teruggetrokken had, namen Frits en Trees Vermeer de leiding over. De winkel werd toen
eigendom van de uitgeverij Van Nijgh en Ditmar. Daarna kocht Vermeer het zelf. Al
spoedig kreeg hij te maken met ruimtegebrek waardoor hij de zaak verplaatste naar een
pand verderop in de Noorderstraat.
Mevrouw Molijn is in 1957 overleden. Molijn ging enige jaren later in Avondrust wonen.
Daar is hij hertrouwd met mevrouw de Boer. Dit huwelijk heeft nog 17 jaar geduurd. In
augustus 1981 overleed Diederick Molijn.
Dat hij er jong uitzag voor zijn leeftijd, leidde nog wel eens tot misverstanden. Zo
zei een medebewoner eens tegen hem: "Wat fijn dat u uw vader zo vaak komt bezoeken".
En toen het echtpaar Molijn eens in de winkel was, kwam iemand van het woonwagenkamp
vragen om oude kleding. Toen mevrouw Molijn zei dat ze niets had reageerde de man wijzend
op haar echtgenoot: "En he’j dan ook geen olle kleren van joen oldste zeun?"
|