- 1933-1943 S.Postma, woonhuis annex tabakswinkel.
- 1943-1964 J.Jans, de weduwe Postma, woonhuis annex tabakswinkel.
- Stationsstraat 30, omstreeks 1952.
- Stationsstraat 7, omstreeks 1962.
- 1906-19xx F.Postma, dochter van S.Postma en J.Jans.
- 19xx-19xx W.Nieuwenhoven, consulent ANWB.
In 1933 bouwde Sjouke Postma een woning naast het hotel. Daarover zijn twee berichten gevonden:
In oktober 1932 vermeldde de Emmer Courant: "Naar wij vernemen zal de heer S.Postma
de exploitatie van zijn hotel overdragen aan een zijner zoons en zich vestigen in een aan de
Stationsstraat, nabij het hotel te bouwen woning. Het hotel zal gemoderniseerd en daarbij van
een centrale verwarming voorzien worden, terwijl ook eenige verbouwing plaats heeft."
De Emmer Courant van augustus 1933: "De heer S.Postma, die zijn hotel
overdroeg aan zijn zoon, den heer J.A.Postma, heeft thans aan de Stationsstraat een sigaren- en
sigarettenmagazijn geopend, onder den "historischen" naam "De Kolhoop".
De winkel, als een kiosk bij het nieuwe woonhuis aangebouwd, ziet er
smaakvol uit, en noodt als 't ware tot eens even binnen wippen."
In dit winkeltje kon men nog een doosje met tien sigaretten kopen.
Sigarettenmerken uit die tijd waren Chief Whip (groen), Miss Blanche (wit), North State (geel).
Het woonhuis was een ontwerp van Klaas Postma (*1904). Klaas was één der zonen van
Sjouke Postma en Janna Jans en was van beroep architect.
De eind jaren 30 waren crisisjaren waarin de economie moeizaan draaide. Daar kreeg ook
Klaas Postma mee te maken. Door de economische malaise konden zijn opdrachtgevers hem niet
altijd betalen. Op zijn beurt kreeg Klaas ook betalingsproblemen en werd als gevolg hiervan
gegijzeld. Daardoor kon "De Kolhoop" in eerste instantie niet afgebouwd worden.
Om te voorkomen dat er beslag op gelegd zou worden trokken Sjouke Postma en zijn gezin op
voorhand in het nog niet geheel voltooide huis. Het was precies op tijd, de volgende dag
stond de deurwaarder op de stoep om beslag te leggen op het huis. Omdat het bewoond was
ging dat niet door.
Inmiddels stond de zomer voor de deur, de periode waarin het geld verdiend moest worden.
Vanwege de crisis en daaraan gekoppelde geldzorgen kon Sjouke geen personeel aannemen om
in het hotel te werken. De hele familie Postma heeft die zomer geholpen, inclusief hun zoon
Johan Sjouke die op dat moment student theologie was. Het werd een prachtige zomer met veel
klandizie. Postma slaagde erin de financiële problemen in redelijk korte tijd de baas te
worden, de schulden werden keurig betaald, en De Kolhoop bleef familiebezit.
In 1943 overleed Sjouke Postma. Zijn weduwe Janna Jans (1880-1964) bleef er wonen en
heeft het sigaren en sigarettenwinkeltje nog tot twee jaar voor haar overlijden gerund.
Sjouke en Janna Jans kregen zes kinderen: Jacob Albert (*1901), Hendrik Jan [Hennie] (*1903),
Klaas (*1904), Frouwkje (*1906), Johan Sjouke [Joop] (*1910) en Bert (*1922).
Alleen Frouwkje bleef in Emmen wonen. Zij bewoonde het ouderlijk huis "De Kolhoop"
tot het einde van haar leven. Zij was met name bekend als pianolerares.
|