|
Opening tramlijn Emmen - Ter Apel 1910
Openingsceremonie van het EDS station.
Ontwerp van architect Ane Nauta.
Het tramemplacement met remise.
Het meest linkse spoor was de tramverbinding met Ter Apel. Van het traject naar
Ter Apel takte een zijspoor af. Deze is in 1923 aangelegd en diende als overlaadspoor.
Zodoende konden goederen tussen de trammaatschappij en de spoorweg maatschappij
(N.O.L.S.) overgeladen worden. Het rechter spoor was een eindspoor. De spoorwissels
zijn pas in latere jaren aangelegd. Het E.D.S. gebouw bestond uit het station, kantoor,
wachtkamer, goederenloods, remises en een woning voor de chef.


|
Op tramweggebied was er in de beginjaren per provincie groot verschil in het
aantal maatschappijen wat actief was. Voor geheel Friesland was er de N.T.M.,
in Brabant daarentegen verschillende (particuliere) maatschappijen die elk hun
eigen lijntjes exploiteerden. In Drenthe waren twee maatschappijen actief.
- De D.S.M. (de Dedemvaartse Stoomtramweg Maatschappij)
was op 15 juni 1885 in Avereest door Baron van Dedem opgericht. De D.S.M.
had voornamelijk tramlijnen tussen de diverse veenkoloniale plaatsen.
- De E.D.S. (de Eerste Drentsche Stoomtramweg
maatschappij), opgericht op 19 december 1898 te Hoogeveen door de heren
Blom en Scholten. De E.D.S. vervoerde veelal personen, voornamelijk tussen
plaatsen met grote markten. De D.S.M. haalde haar winst voornamelijk uit
het vervoer van goederen. De E.D.S. begon in 1902 na enkele
aanloopproblemen met de aanleg van de eerste lijn Hoogeveen - Nieuw Amsterdam.
Nadat Emmen in 1905 een spoorwegaansluiting had
gekregen zou al snel de aansluiting op het tramwegennetwerk volgen. Het
tramstation in Emmen was van de E.D.S. Forse winsten in de eerste jaren waren
voor de heren Blom en Scholten reden genoeg om met een "algemeen tramplan
voor Drenthe" te komen. In deze plannen waren voor Emmen twee lijnen
ontworpen, te weten: Erm - Emmen - Ter Apel en Emmen - Klazienaveen noord -
Klazienaveen zuid.
De lijn Erm - Emmen werd van alle plannen als eerste aangelegd waardoor
er op 1 november 1909 een tram van Erm naar Emmen reed.
Op 10 december 1910 werd het EDS tramstation geopend. Het was een ontwerp
van de Leeuwarder architect Ane Nauta (1882-1946) die ruim 10 jaar later
vooral bekend zou worden vanwege zijn vele ontwerpen voor gereformeerde
kerken in Friesland. Ane Nauta had het vak geleerd van zijn vader W.Th.Nauta.
Op 12 december 1910 kon men vanaf Emmen per tram ook verder reizen naar Ter Apel.
In 1919 had de E.D.S. 110 km tramlijn in beheer en verdienden 80 mensen er
hun brood. Bij de D.S.M. was dat 140 km tramlijn en bijna 200 man personeel.
Het oorspronkelijke plan om het tramstation achter de Willingekampen te
bouwen wijzigde al snel toen men zich realiseerde dat een plaats met een
treinstation in de nabijheid helemaal geen slechte keuze zou zijn.
Gevolg was dat de tram bijna geheel Emmen doorkuiste: de Noordbargerstraat, de
Wilhelminastraat (Grint), de Hoofdstraat (Dorpsstraat) en de Stationsstraat.
Het oude puffende trammetje stopte alweer nadat het nog maar net op gang gekomen was.
Stopplaatsen waren o.a. bij café Karsten in Noordbarge (nu Chinees restaurant),
bakker Jipping (later Hotel Ten Kate), Hendrik de Lange op de Grint, Hotel Wielens,
café Kooiker en café Hegen.
Van 1910-1925(?) voerde Wybren Kromhout van der Meer de scepter als stationschef. Wybren,
geboren op 22 mei 1884 in de gemeente Doniawerstal in Friesland, vestigde zich op 12 november
1910 vanuit Hoogeveen in Emmen.
Uiterlijk een aardige man, maar van binnen zat hij iets anders in elkaar. Midden jaren
twintig werd hij betrapt op frauduleuze handelingen met als gevolg dat hij ontslagen werd. Deze
malversaties bleken een begin te zijn van een crimineel leven.
In 1929 woonde hij in Den Haag en fungeerde als huisknecht bij de familie Vonck. Na enkele
diefstallen bij deze familie ging Wybren over tot het grote werk: in september van dat jaar
vermoorde hij - met behulp van een scheermes - de weduwe Odem om er met 30.000,- vandoor te
gaan. Hij kwam niet ver want hij werd door - nota bene - personeel van de Haagse tram gegrepen.
In 1930 werd hij tot 20 jaar veroordeeld.
In 1957 bleek Wybren nogmaals voor een verrassing te zorgen. De ex-chef uit Emmen verbleef
toen in "het rusthuis voor ouden van dagen" in het Friese Weidum. Daar smeerde hij
rattenkruit op de boterham van medebewoner Siebe Starkenborg waardoor deze overleed. Op 73
jarige leeftijd werd hij tot 12 jaar veroordeeld. De merkwaardige stationschef zou de gevangenis
niet meer verlaten.
|
|
100 Tramemplacement Emmen
Tramloc 27 van de lijn Emmen - Ter Apel.
Tramloc 17 uit Slagharen in Emmen.
1939 de dierenparktram uit oost Groningen in Emmen.
de dierenparktram bij het NOLS station.
Links: station, rechtsachter Hotel Grimme.
1941 wagon EDS 15 in Emmen
|
|
|

Anno 1938

Anno 1948






|
In 1898 had de tram al een zekere concurrentie van de heer Meijer die rondreed
met zijn Motor Tram Omnibus. Vooral de Eerste Wereldoorlog had, door gebrek
aan brandstof en de daarmee gepaard gaande hoge prijzen, veel invloed op de
ontwikkeling van de tramwegmaatschappijen. Vanaf de jaren dertig verloor de
tram meer en meer haar betekenis. Bussen namen het vervoer langzamerhand over.
In 1931 reden de eerste "echte" bussen door Drenthe.
Om te overleven gingen de trams steeds sneller rijden. Een rit van
Hoogeveen naar Emmen, een afstand van 35 km, werd afgelegd in 1 uur en 10
minuten. Ondanks tarief - en loonverlagingen was het een ongelijke strijd met
de autobus. In 1934 reden nog slechts 2 personentrams. Druk was het nog wel in
1935 door het vervoeren van bezoekers van het Noorder Dierenpark. Een
retourtje Hoogeveen - Emmen, inclusief entree Noorder Dierenpark, kostte toen
50 cent.
Op 1 januari 1936 fuseerden de E.D.S. en de D.S.M.. De Tweede Wereldoorlog
zorgde ervoor dat 22 bruggen werden vernield. Op 8 juli 1940 echter kon er na
reparatie toch weer een tram tussen Emmen en Hoogeveen rijden, maar tijdens de
bevrijding in 1945 vernielden de Poolse tanks de tramlijn naar Ter Apel.
Hierdoor kon de zondags dierentuintram niet meer rijden en de lijn werd ook
niet meer hersteld. In 1947 verdween de tram definitief uit het dorpsbeeld van
Emmen. Een jaar daarvoor was het traject naar Ter Apel al opgebroken. De lijn
Emmen - Weerdinge was na 36 jaar historie.
Omdat er steeds meer bussen gingen rijden werd in 1938 het tram emplacement
verkleind en de remise verbouwd ten behoeve van garages voor de bussen. Er was
voor de tramlocomotieven toen nog slechts 1 loods beschikbaar. Door een fusie
van D.A.B.O. (Drentsche Autobusonderneming) en
E.D.S. ontstond in 1963 de D.V.M. (Drentse Vervoer Maatschappij).
|
|






Op de achtergrond de ambachtschool, rechtsachter Huize Anna Jacoba.
|
Op de vrijdagnacht van 26 op 27 oktober 1979 was een deel van de jeugd in het toen zeer
populaire café "Merlijn" van eigenaar uitbater Ben Eilering. Na verloop
van tijd miste er opeens iemand van de gasten die toch de hele avond aanwezig was
geweest. Was hij weggegaan zonder iemand gedag te zeggen? Naderhand bleek dat juist
hij degene was geweest die de nieuwbouwplannen heeft doen versnellen.
De brandmelding kwam om ongeveer 4.00 uur ’s nachts binnen. Toen de brandweer arriveerde was
het gebouw al reddeloos verloren. De DVM raakte die nacht 16 bussen kwijt. Een tiental bussen
kon bijtijds uit de buurt van het vuur worden gereden dankzij de politie en één vrachtwagenchauffeur.
De politie had onlangs stage gelopen bij DVM chauffeurs en wist hoe de bussen moesten worden gestart.
De brandweer die op het moment van de melding bezig met het blussen van een woning te
Bargermeer, zette onmiddellijk groot materieel in omdat men wist dat een brand in een garage
catastrofaal kan zijn.
Met vier wagens en twintig man personeel, later geassisteerd door de brandweer van Sleen,
wierp men zich op de enorme vuurgloed. Doordat de bussen dicht op elkaar stonden en deze een
polyesterbeplating hadden, welke uiterst brandbaar is, stak de ene bus de andere bus aan. Er
was geen houden aan.
De brand ging af en toe gepaard met luide knallen als er weer een olietank van een bus
explodeerde.
De garage, de restauratie en de chauffeurskantine gingen in de vlammen op. De woning van de
stationschef J.Jeuring bleef maar net gespaard. Van de bussen restten slechts geblakerde karkassen.
Men kon de maandag na de brand de dienstregeling normaal laten draaien, dankzij de
collega-busondernemingen, welke bussen in bruikleen hadden afgestaan. Er reden tijdelijk bussen
van de FRAM, VAD, GADO, maar ook van de Gelderse Tramwegen, West-Nederland, de Zuidooster en
Centraal Nederland (Zeist).
Een tijdje heeft op het parkeerterrein een noodgebouw gestaan.
|