|
Eén van de weinige foto's met eekschillers. De foto is genomen in het Zwanenmeerbos
in de buurt van Eext. Op de foto v.l.n.r. een geit, Aalt Leusink, Jan van Loo, Margje van Goorn,
gehurkt Hendrik Leusink, Jacobje Tichelaar met op haar arm Joukje Leusink,
Gerrit, Dries en Gerrit Leusink.
(bron: Mw Wilkens-Dillingh publicatie in streekblad van Gieten, herdruk in het
contactblad van 't Aol' Volk uit Emmen juni 2004.
Het wegje naar de Sterrenkamp.
In 1881 was Berend Ensing eigenaar van deze boerderij.
Berend was schoenmaker, brievengaarder en later ook nog chauffeur op de Motor Tram
Omnibus van Anthonius Meijer.
Ensingkamp (zie Achterstad)
Later kwamen hier Tiben de horlogemakende drogist en de broers Verwer.
De laatste bewoners van de 200 jaar oude boerderij waren Wolter Kamps en Hille.
In de nok van de boerderij is een oelenbret (uilenplaat) aangebracht.
Aan de boom hangt een bordje met daarop een richtingspijl die de weg
aangeeft naar de melksalon van J.R.Luurs.

Hotel 't Heerenhof aan het vroegere wegje naar de Sterrenkamp

|
De Sterrenkamp was ooit een zandpaadje met diepe karrensporen dat naar
het land van de familie Willinge leidde. De Sterrenkamp was van oorsprong de
naam van het bosje akkermaalshout wat toebehoorde aan deze familie.
Akkermaalshout was een houtsoort van hoge kwaliteit en werd vroeger veel
gebruikt door leerlooiers omdat het looizuur bevatte. Akkermaalshout werd
geregeld gekapt, om de 7-12 jaar. Het hout werd eerst geklopt waardoor het
makkelijker losliet en vervolgens door de eekschillers geschild. De
afgeschilde bast werd fijngemalen en gebruikt voor de looivaten in Brabant.
(overigens: de familienaam Bosklopper komt voort uit het geklop van de eekschiller)
Een eekschiller was iemand die zijn beroep al zwervende uitvoerde. De
goede eekschillers kwamen veelal van de Veluwe en Gelderland.
Op een oude maar bekende ansichtkaart staat aangegeven: "het wegje
naar de Sterre(n)kamp". Toen het bosje niet meer bestond bleef de naam
Sterrenkamp in gebruik.
Achter de boerderij is een oud Drents schaaphok te zien. De schapen
daarvan werden gehouden om hun mest en moesten om die reden 's nachts binnen
blijven om hun "product" vergaarbaar te maken.
Het witte gebouwtje op de achtergrond noemde men het "lokaal".
Het kapelletje behoorde toe aan de rechtzinnig Hervormde gemeente en is in
1868 gebouwd. In 1920 was het kerkje in een zeer slechte toestand waardoor
besloten werd om een nieuw kerkgebouw te laten bouwen. De aanbesteding van
de Kapel was op 1 juni 1923 in hotel Wielens en werd gegund aan aannemer W.Luppers
te Winschoten voor f 33.150,-. De inwijding was op 7 maart 1924. maar was al
in 1923 in gebruik genomen.
Na het kerkje hield het karrenspoor op. Het liep dood tegen een wal
waarachter zich de weilanden uitstrekten.
Daar waar vroeger het voetbalelftal van Emmen haar thuiswedstrijden
speelde lopen tegenwoordig de toeristen die het Noorder Dierenpark in Emmen
bezoeken. Ongeveer 65 jaar geleden vond men op de plaats van het huidige
Noorder Dierenpark het sportveld van Emmen en de z.g.n. Willingekampen.
Beide werden van elkaar gescheiden door een sloot met aan de noordkant
(richting Min.Kanstraat) de Willingekampen en aan de zuidkant (kant van de
Sterrenkamp) het sportveld. Dit hele sport "complex" bestond
slechts één speelveld en één trainingsveld. De beheerder was de heer Siersema,
woonachtig aan de Sterrenkamp. Hij was in Emmen één van de
eerste schoenmakers en daarom ook de "ballenreparateur" van het
voetbalelftal. Iedere zondag kom men hem op het sportveld vinden om, samen
met één van zijn kinderen, de lijnen te trekken. In de jaren dertig werd
het sportveld naar de noordelijke kant van de sloot verplaatst omdat toen
aan de zuidelijke kant het Noorder Dierenpark aangelegd werd. In de winter
werd het sportpark omgetoverd tot ijsbaan. Ook hiervoor zorgde de heer Siersema.
Rond het hele terrein lag een walletje van ongeveer 60 cm. hoog.
Achter op het sportpark, tegen de spoorlijn aan, stond een houten schuur met
daarin een oude Nortonpomp. Deze pomp haalde grondwater naar boven dat door
vierkante houten goten, gemaakt door aannemer Flik uit Emmen, naar de velden
getransporteerd werd. Voordat er genoeg water voor een ijsbaan was moest de
pomp soms wel drie weken draaien.
(Eigen)aardigheden
Eind november 1926 werd er een aanbesteding gehouden van het plaatsen van
dertien regenbakken bij de woningen aan de Sterrenkamp. Kosten fl 429,50.
Voor die tijd een fors bedrag. Bestuurslid Lambers van de ECW had opdracht
gegeven zodat "de bovenkant der monden, door het
aanbrengen van een tusschenlaag ter dikte van vijf steenen, hooger van den
beganen grond wordt aangebracht dan in het contract van aanbesteding is
bepaald, dit in verband met de vrees van een huurder voor verdrinkingsgevaar
voor kleine kinderen. De kosten daarvan zullen ongeveer fl 30,-
bedragen". (bron: "Bouwen aan wonen" 70 jaar
mensenwerk door Hans Roest, uitgegeven door de Stichting ECW ter gelegenheid
van haar 70 jarig bestaan.)
In 1927 kreeg het ECW bestuur toestemming van de minister om voor een
aantal woningen de huur te verlagen. Het bestuur besloot dit alleen voor
woningen aan de Sterrenkamp door te voeren en er geen ruchtbaarheid aan te
geven. Zodoende zou er "geen aanleiding zijn voor
anderen tot het indienen van verzoeken om huurverlaging". (bron:
"Bouwen aan wonen" 70 jaar mensenwerk door Hans Roest, uitgegeven
door de Stichting ECW ter gelegenheid van haar 70 jarig bestaan.)
Wanneer men de Sterrenkamp in oostelijke richting zou uitlopen
kwam men in de z.g.n. "Achterstad".
|