|
|
Vanaf de oprichting hadden de padvindersgroepen jaarlijks een feestelijke avond. Tijdens deze
avonden, die in concertzaal Groothuis plaats vonden, lieten de verschillende groepen enkele
vaardigheden zien. De overgang van welp naar verkenner vond tijdens deze avonden ook plaats
en verder werden in de vorm van toneelstukjes taferelen uit het afgelopen Pinkster- of zomerkamp
opgevoerd. De avonden werden besloten met stukken met titels als: Tooverspreuk, Zevensprong
en De gefopte koning. In 1950 werd in de aula van het Gemeentelijk Lyceum een uitvoering
gehouden waarvan de baten ten goede kwamen voor de bouw van een clubhuis.
De afdeling Emmen van het Nederlands Padvindsters Gilde, de Heidegroep, hield in oktober 1946 en
'47 enkele malen gezamenlijke, vooral op voorlichting over de padvinderij gerichte, bijeenkomsten.
Tussen 1951 en 1959 organiseerden de beide afdelingen (waarschijnlijk) jaarlijks een
gezamenlijke feestavond in de aula van het Gemeentelijk Lyceum. Vaste onderdelen van deze avonden
waren de presentatie van de groepen op het toneel, het ceremonieel met de vlag, het laten horen
van de padvinderswet. Er werd gezongen en bestuurders hielden toespraken. Daarna volgden kleine
toneelstukjes van de jongste groepen. Na de eerste pauze volgde in 1955 de opvoering van een
boerenbruiloft door de padvinders en padvindsters, waarbij ook verschillende dansen werden
uitgevoerd. Tijdens de tweede pauze konden de bezoekers nog wat extra geld kwijt bij een aantal
activiteiten van de jongste padvinders om de kas te steunen en daarna sloten de verkenners het
officiële programma af met indianendansen, oerwoudtrommels en Djakardraaiers.
|