|
Een op afbraak staande loods in Twente werd
omgebouwd als houten kerk: De Noorderkerk.
Op het lege perceel in het midden stond
de voormalige Noorderkerk.
Het voormalige evangelisatielokaaltje aan de
Warmeerweg kwam in Zuidbarge te staan.
Het voormalige evangelisatielokaaltje werd 30
meter verplaatst en ging dienst doen als garage.
|
- 1941-1950 De Noorderkerk.
Vanwege de groei van de gereformeerde gemeente, bleek het in 1923
geopende Kerkgebouw Wilhelminastraat dat in 1941 de naam Zuiderkerk kreeg, te
klein. Het ledental was van ruim 600 leden in 1920 gestegen naar ongeveer
1000 leden in 1936. In 1941 bleken dat er al 1300 te zijn.
In 1936 ontwikkelde de evangelisatiecommissie van de gereformeerde kerk plannen
om aan de Warmeerweg op de hoek van de Haddersstraat een
"lokaaltje" te stichten. Het is niet bekend wanneer dit lokaaltje
in gebruik is genomen. De schrijvers van het boek "150 jaar
gereformeerde kerk" vermelden wel dat de bewoners van Emmen noord vanaf
13 juli 1941 op zondagmorgen om half 10 een dienst in het
evangelisatielokaaltje aan de Warmeerweg konden bijwonen. In september 1941
waren dit zelfs twee diensten: om half 10 's morgens en om 3 uur 's middags.
Op 18 augustus 1941 kwam het evangelisatielokaaltje in de kerkenraad ter
sprake. Aan de orde kwam het verplaatsen van dit lokaaltje van de toen nog
onverharde Warmeerweg naar een plaats aan de verharde weg. Ook werd
besproken of het niet vergroot kon worden naar +/- 250 zitplaatsen zodat men
5 tot 6 jaar uit de problemen zou kunnen zijn.
Het zou anders verlopen. Door de heersende houtschaarste, het was immers oorlog, werd het
evangelisatielokaal gereserveerd voor Zuidbarge om daar als vergaderlokaal
te gaan fungeren. Het kwam in 1941 te staan op een perceel grond van de
weduwe J.M.Omvlee Bekhuis. Zij staat bekend als "tante Coba" en
redde tijdens de Tweede Wereldoorlog vele onderduikers, die bij haar in huis
zaten ondergedoken, het leven. Het gebouwtje werd in 1950 ongeveer 30 meter
verplaatst en ging dienst doen als garage voor de familie Eising. Voor het
houten kerkje kwam een nieuw stenen gebouw in de plaats dat de naam "De
Rietbarge" kreeg. In 1991 werd dit gebouw verkocht aan de familie Omvlee die
het liet verbouwen tot woning. In 2004 is het afgebroken.
In 1941 werd er volop nagedacht over het stichten van een tweede kerkgebouw, die
in Emmen noord zou moeten komen te staan. Dat jaar reisden de broeders W.van den
Hof en M.Buwalda op verzoek van de kerkenraad al naar Twente om daar een
afbraak staande loods te bekijken, die `mogelijk omgebouwd zou kunnen worden tot een
hulpkerk voor Emmen noord. Zij oordeelden positief en met een begroting
van f 6.000,- werd de loods aangekocht en tot kerk omgebouwd.
Hoewel een broeder der gemeente gratis een bouwterrein beschikbaar had gesteld heeft de
kerkenraad hier waarschijnlijk niet voor gekozen, want het perceel waarop de
kerk zou komen te staan bleek voor f 3.000,- van de gemeente Emmen te zijn
aangekocht.
Het kerkje kwam aan de Heidelaan te staan. In het kerkblad van
27 december 1941 is te lezen dat de locatie Wilhelminastraat dat jaar de naam
Zuiderkerk kreeg en het kerkje aan de Heidelaan de naam Noorderkerk.
De Noorderkerk werd al snel te klein en bovendien werd de ligging niet
geschikt geacht voor de toekomst. De eerste contouren van de wijk Emmermeer
ontstonden al waardoor in 1949, nauwelijks 8 jaar na de opening, besloten werd
om te kijken naar een nieuwe locatie voor een kerk.
Om de ruimtenood op te lossen werd er gekozen voor een noodoplossing.
Vanaf 1950 tot 1955 diende de kantine van de Bendienfabriek aan de
Weerdingerstraat als kerkgebouw. Op 6 april van dat jaar werd het nieuwe
kerkgebouw "Ichthus", op de hoek van de Walstraat en de
Meerstraat, geopend.
De Noorderkerk was een jaar eerder reeds voor f 5.500,- verkocht aan de gemeente Emmen.
|