|
In het kozijn van het eerste raam (lange zijde) is een tweede kogel binnen gedrongen, terwijl de
onverlaten de boerderij zijn binnen gevallen door het deurtje in het schuine deel.

|
Op 25 januari 1927 vielen gemaskeerde bandieten de woning van de familie
Ensing te Emmerholt binnen, waarbij Roelof Ensing door een kogelschot om het leven kwam de
familie Ensing te Emmerholt binnen, waarbij Roelof Ensing door een kogelschot om het
leven kwam. "Het was dinsdagavond omstreeks negen uur
toen de familie Ensink (lees: Ensing) te Emmerhout
zoo langzamerhand aanstalten begon te maken voor het naar bed gaan. In de
omgeving van enkele andere boerderijen, wonen zij op de hunne, drie broers en
een zuster", aldus de krant uit die tijd.
Deze broers en zuster waren: Berend (1869-1930), Roelof (1874-1927), Jan
(1877-xxxx) en Grietje (1894-xxxx) Ensing. Zij waren vier van totaal tien
kinderen van de schoenmaker / landbouwer Albertus Ensing (1844-1912) en Janna
Derks (1847-1917) die nog in de boerderij aan de weg van Emmen naar Weerdinge woonden.
Hun andere kinderen waren of reeds overleden of gehuwd.
De krant Emmer Courant publiceerde een dag later een vraaggesprek met Grietje die
het volgende verklaarde: "Wij waren met ons drieën
in de kamer. Berend stond rechts, Roelof zat links van het vuur en ik bij de
tafel. Jan was reeds naar bed gegaan en Roelof zat bij het vuur wat te soezen.
Opeens, het zal tegen kwart voor negen geweest zijn, ging de kamerdeur open en
net zoo gewoon als u er daarnet inkwam, traden er twee gemaskerde kerels naar
binnen. Eén hunner richtte een revolver op Berend en riep "handen
omhoog", hetgeen Berend van "veraltereerdheid" deed. Ik begon te
gillen, waardoor Roelof wakker werd. Hij sprong meteen op en greep den man met
den revolver aan. De andere boef sloeg toen direct op de vlucht. Roelof raakte
aan 't vechten met den bandiet, dien hij het masker wilde afrukken. Toen kwam
ook Berend tot zichzelf en zou Roelof gaan helpen. Dat ziende schoot de roover
zijn revolver af. Hoewel gewond, hield Roelof den kerel vast, maar deze zag
tenslotte kans om los te komen. Tot de buitendeur gingen Roelof en Berend hem
na, maar toen de man weer schoot, keerden zij terug. De kogel van dit schot zit
nog in het raamkozijn. Alles was zoo gauw afgeloopen, dat Jan niet wist wat er
gebeurd was. Hij werd wakker en riep vanaf zijn bed: "wat doei doar
toch?" Toen hij opgestaan was, had zich alles al afgespeeld."
Dokter Hospers constateerde dat de kogel die net onder het hart het lichaam was
binnengedrongen, was afgestuit door het borstbeen en vervolgens de longen had geschampt.
Dokter "Joppie" liet de man gelijk overbrengen naar het ziekenhuis in Groningen,
alwaar hij een dag later echter overleed.
Een kwartier na het gebeurde was ook rijksveldwachter Siebrands uit Weerdinge
ter plaatse, geassisteerd door marechaussee en gemeentepolitie uit Emmen. Door
het masker ontbrak een signalement van de dader(s). Slechts een dialect kon
enigszins aangeven uit welke streek de dader kwam. De heer A.Roossien verklaarde
naderhand aan de politie "een tweetal hem onbekende
mannen te zijn tegengekomen, die in razende vaart richting Valthe
fietsten".
De krant vervolgde met een opmerkelijke wens: "Het
is te wenschen dat het de politie moge gelukken de misdadigers op te sporen en
de rechtbank hen dan niet met de al te zachtzinnigheid, waarvan de rechtszaken
in den tegenwoordigen tijd (lees: 1927!) dikwijls
staaltjes geven, zal behandelen."
Op 7 februari meldde de Emmer Courant dat de politie in de nacht van 6 op 7
februari twee mannen uit Emmer Compascuum had gearresteerd. Eén van hen was een
25 jarige zeer beruchte ongehuwde smokkelaar. Een afgeluisterd gesprek, waarin hij
zich over de moord uitliet, was reden tot zijn arrestatie. Beide
mannen bleven echter hardnekkig ontkennen iets met de moord uit te staan te
hebben. Diezelfde ochtend werd ook een zekere M. te Emmer Erfscheidenveen wegens
medeplichtigheid gearresteerd. Geen van deze mannen zou echter veroordeeld worden want:
|
|
|
"De Winschoter Crt verneemt uit Ter Apel:"
"Een paar jaar geleden werd in het naburige Emmerhout, z.g. Knarphoorn, een inbraak
gepleegd bij de landbouwersfamilie Ensing. Hierbij werd één der bewoners (R.Ensing) zoo
zwaar mishandeld, dat hij tijdens zijn verpleging in het Academisch Ziekenhuis te
Groningen overleed."
"Dezer dagen bij een burentwist tusschen twee vrouwen, van zekeren Kemps en Bosch,
wier mannen voor diefstal van kippen in de gevangenis zitten, beschuldigen genoemde
vrouwen hunne mannen als bedrijvers van bovengenoemd misdrijf."
"De politie, die dit ter ore kwam, heeft het onderzoek in die richting geleid.
Hierdoor is het misschien mogelijk, dat de schuldigen hun verdiende straf nog zullen
ondergaan."
"Reeds verschillende personen zijn door de justitie als verdachten korter of langer
tijd vastgehouden. Voor deze verdachten zou het een rehabilitatie zijn, indien de
werkelijke schuldigen gevonden werden."
"In het Zuid-Oosten onzer provincie is deze zaak langen tijd het onderwerp van den
dag geweest en tal van fantastische verhalen deden opgang. Zoo werd ook deze misdaad voor
eenigen tijd weer opgehaald bij een gepleegden zelfmoord, die in verband zou staan met
deze moord affaire."
"Van officiële zijde hoort men over deze zaak niets, maar er wordt nog steeds
gespeurd naar de toedracht van dit gruwelstuk."
"Wij konden geen bevestiging verkrijgen van bovenstaande mededelingen van het
Winschoter blad, doch inderdaad is juist dat het onderzoek in de geruchtmakende moordzaak
nog steeds voortgezet wordt, o.a. door de Rijksrecherche. Het zou niet de eerste keer
zijn, dat op soortgelijke wijze een oude misdaad opgehelderd wordt."
"Intusschen schijnt de bron van bedoeld bericht niet heel serieus genomen te moeten
worden, zoodat men goed zal doen er met de noodige reserve kennis van te nemen. Er wordt
in de omgeving van Emmerschans wel eens vaker een burenonvriendelijkheidje
waargenomen, waaraan men geen grote waarde kan toekennen."
Dit incident stond waarschijnlijk niet op zichzelf. Dergelijke overvallen
(met minder geweld) hadden ook plaatsgevonden te Dalen, Ter Apel en Tynaarlo.
|